Arie Kooijman gaat voetballes geven in Gambia

  •   keer gelezen   Sport

Hij kan al tien teams in nieuwe tenues hijsen. Hij heeft een hele voorraad ballen. En: Arie Kooijman gaat zélf naar Gambia om voetballes te geven. “Al weten ze maar wat een opstelling is.”


Na precies een kwarteeuw haalde de bijna 56-jarige Kooijman de stekker uit zijn trainersloopbaan. Zijn carrière leidde hem langs een bonte schakering van meest Bommelerwaardse verenigingen. Zijn laatste club, VV Brakel, bleef hij liefst een half decennium trouw. Daarin haalde hij tot twee keer toe de nacompetitie.

Kerkwijk loodste hij enkele jaren geleden naar de derde klasse. De A-jeugd van Maliskamp en Roda Boys bezorgde hij in een grijs verleden de titel. Zijn mooiste kampioenschap pakte hij met zijn misschien wel grootste liefde, Jan van Arckel in zijn woonplaats Ammerzoden.

Het is in het clubhuis van de plaatselijke trots dat we hem spreken. Hier, op sportpark D’n Huybert, kloppen clubmensen ‘Arie’ amicaal op de schouder. Arie - glimmend blauwe trainingsjas aan, priemende donkere kijkers, kale knikker, gouden oorbel - laat zich de aandacht welgevallen. Hij wilde best een jaar aan het amateurvoetbal vast plakken, maar avances richting onder andere Heusden bleken eenrichtingsverkeer. Het is afgelopen.

“Ik was wel een beetje een kampioenenmaker”, probeert hij de bescheidenheid van zich af te schudden. “Maar het is mooi geweest. Vooral in het zondagvoetbal heb je er een halve baan bij. Je bekijkt ’s ochtends het tweede en zaterdagmiddag ga je naar de A-jeugd.” Hij glimlacht veelbetekenend: “De camper thuis staat al te lang stil.”

Gambia kent hij via een Bossche vriend van hem. Die keerde Nederland een jaar of acht geleden resoluut de rug toe, kocht in het West-Afrikaanse land een huis plus drie appartementen en lokt sindsdien westerse toeristen om te komen vissen op de barracuda. Twee jaar terug ging ook Arie naar Gambia om te vissen. Gezeten achter zijn vishengel borrelden allerlei voetbalplannetjes op.

“Ik zit vol van voetbal. Wat ik daar zag? Een boel ellende. Velden waarop wij nog niet willen trainen, kaal en vol met kuilen. Jongens die op blote voeten voetballen en slechts een lint om hebben om het ene van het andere team te onderscheiden.”

Twee jaar later is dit de tussenbalans van zijn hulpproject: honderd paar schoenen, tenues waarmee hij acht complete elftallen in het nieuw kan steken, tientallen ballen.

“Het kost vijf euro per bananendoos om de spullen te vervoeren – daarvoor zoek ik sponsors. Het is de bedoeling dat ik het zelf ga brengen én uitdelen. Ik wil wel weten dat alles goed terechtkomt.” Dat laatste vindt Arie essentieel. Hij en zijn vrouw sponsoren een Gambiaans kind dat dankzij die bijdrage onder andere onderwijs kan genieten. “Dat geld moet je geven en je moet er precies bij zeggen: hiervoor koop je een uniform en schoolboeken. Als je bijvoorbeeld tachtig euro geeft aan de oma van zo’n kind en je zegt niet waarvoor dat geld is bedoeld, dan maakt ze dat op aan mooie dingen. Zo gaat dat daar.”

Kooijman probeert het met zijn werkgever zo te regelen dat hij wekelijks een dag erbij werkt. Die extra dagspaart hij op om vier keer per jaar tien dagen lang naar Gambia te mogen. Zijn vrouw laat hem vrij. Zijn vrouw, licht hij toe, zou nog geen week in het Afrikaanse land verblijven. Op de vraag of hij net als zijn maat ooit een emigratie overwoog, verraden zijn pretoogjes het antwoord. Maar uiteindelijk houden vrouw, kinderen, maar ook het Ammerzodense verenigingsleven hem toch tegen.

Die vier Afrikaanse pauzes gaat hij benutten om spullen af te leveren, maar ook om clinics te verzorgen. Het is zelfs de bedoeling dat elke vereniging in Gambia ooit een keer in aanraking komt met de wijze voetbaladviezen van Kooijman. “Geen idee hoeveel clubs er zijn”, zegt hij. “Kan nooit veel zijn, het land is niet groter dan Gelderland en Utrecht bij elkaar.” Cruyffiaanse voetbalmissie in Afrika? Kooijman bagatelliseert: “Stuk voor stuk hebben ze een berenconditie. Alleen loopt alles daar door elkaar, met dat kluitjesvoetbal lijken het net pupillen. Al weten ze maar wat een opstelling is. Als je maar kunt uitleggen van: dit is een verdediging en zo zien looplijnen eruit; dan heb je de al de grondbeginselen te pakken. Misschien kan ik ze na verloop van tijd uitleggen hoe een schema eruit ziet, dan kunnen we denken aan de opzet van een competitie. ”

Kooijman wil vooral hulp bieden en niet de voetbalprofessor gaan uithangen. Hij komt er zeker niet voor persoonlijk gewin. “Piet de Visser (bekende scout die de wereld afzocht naar voetbaltalent, red.) ging naar Brazilië en trof daar ene Romario. Als ik een talentvolle Gambiaanse jongen gelukkig kan maken, oké. Ik zou het niet doen om m’n zakken te vullen.”

André van der Vlerk

Ontvang 'm elke week gratis > Meer berichten