
Jan Koesveld uit Kinderdijk helpt mee om gesneuvelde militairen in Oekraïne vanaf het front thuis te brengen
Nieuws 6.472 keer gelezenKINDERDIJK • Om de zes weken verruilt Jan Koesveld twee weken de vrede van de Alblasserwaard voor de oorlog in Oekraïne. Vanaf het front vervoert de inwoner van Kinderdijk samen met Pavlo Mazepa gesneuvelde militairen terug naar hun familie.
Duizenden kilometers over de Oekraïense wegen hebben Pavlo en Jan al samen afgelegd in de bestelbus, met achterin de lichamen van soldaten. Tussen hen in ligt een mobiele telefoon om met behulp van Google Translate te vertalen.
Twee nationaliteiten, twee culturen, twee tegengestelde karakters, maar met dezelfde drive: de helpende hand uitsteken bij het onvoorstelbare leed in het Oost-Europese land, veroorzaakt door de inval van de Russische legers in februari 2021.
EO-magazine Visie
Maar hoe komt een Alblasserwaarder duizenden kilometers van zijn woonplaats hier terecht? Aan de keukentafel vertelt Jan dat de aanleiding een artikel in het EO-magazine Visie was. “Meteen na de aanval van Rusland wist ik dat ik daar wilde gaan helpen. Mijn vrouw Jobke drong erop aan dat ik er niet op de bonnefooi heen zou gaan. Er moest een duidelijke en omlijnde taak zijn. De drang om te gaan helpen was heel sterk, maar ik was het wel met haar eens.”
Het duurt een jaar voordat die taak op zijn pad komt. “Dit voorjaar las ik in de Visie het verhaal van Pavlo. Hij rijdt met een bestelbus naar het front om lichamen van gesneuvelde soldaten op te halen. In het artikel vertelde hij hoe zwaar het was om duizenden kilometers in zijn eentje te rijden. Ik voelde meteen: hem moet ik gaan helpen.”
Bosnië-veteraan
Via onder meer de stichting Hart en Handen voor Oekraïne lukt het Jan om in contact met de Oekraïner te komen. Die reageert afhoudend. “Wat hem over de streep trok was het feit dat ik als Bosnië-veteraan weet hoe een oorlogsgebied eruit ziet en dat ik daar als chauffeur gewerkt heb.”
In mei maken de twee mannen kennis met elkaar. De drukke en energieke kant van Pavlo blijkt prima te passen bij het veel rustiger karakter van Jan. “We delen dezelfde humor en vonden elkaar ook in het christelijk geloof. Na een paar dagen zijn we met de bestelbus vanuit het westen van Oekraïne, waar Pavlo woont, naar het front gereden.”
Ingepakte lichamen
In eerste instantie laat Pavlo Jan in de bestelbus achter om de lichamen uit de mortuaria en koelcellen te halen. “Hij wilde me beschermen tegen de aanblik van de doden. Bij het inladen zag ik alleen de ingepakte lichamen. Tijdens latere reizen ben ik wel met hem meegelopen en zag ik de zwaar beschadigde lichamen. Dan ervaar je pas echt dat het stuk voor stuk mensen zijn.”
Hij vervolgt: “Het moeilijkst vond ik het om te zien hoe familieleden de lichamen in ontvangst namen. Aan de ene kant is er de blijdschap dat ze hun geliefde terug hebben om afscheid te kunnen nemen en hen te begraven, maar het immense verdriet overheerst op dat moment. Dat raakt me elke keer diep.”
Frontlinie
Het ophalen van de gesneuvelde soldaten is een taak die Jan en Pavlo keer op keer dichtbij de frontlinie brengt. Hun levens lopen elke missie gevaar. “Hoe vreemd het ook klinkt, maar het voelt steeds goed om terug te zijn in het oorlogsgebied. Angst ervaar ik niet, het is een leven dat bij mij past.”
“Eenmaal terug in Nederland merk ik wel elke keer hoe zwaar het emotioneel is. Dat uit zich in een paar keer hard huilen, maar verder gaat het prima.” Jobke vult hem aan: “We hebben afgesproken dat als ik signalen zie dat het Jan teveel wordt, hij meteen professionele hulp gaat zoeken.”
Eigen hulptransport
Overigens organiseert Jan ook nog eens zijn eigen hulptransport. Elke reis maakt hij in een terreinwagen die hij schenkt aan het Oekraïense leger. “De auto zit dan helemaal volgestouwd met hulpgoederen. We financieren dat met hulp van sponsors. Terug ga ik met het vliegtuig. We hebben nu geld bijeengebracht voor een nieuwe bestelbus voor Pavlo. Sponsoren die willen helpen, zijn altijd welkom.”
Vakantiedagen
Van zijn werkgever krijgt Jan de ruimte om na elke zes weken twee weken naar Oekraïne te gaan. “Daarvoor gebruik ik mijn vakantiedagen. Als die op zijn, ga ik over op onbetaald verlof. Voor volgend jaar wil ik mijn contract aanpassen om dit werk te kunnen blijven doen. Ja, daarmee offeren we wel wat op. Maar wij hebben daar geen twijfels bij. We worden hierin door God geleid.”
“En hoe we de toekomst zien? Oekraïne krijgt nu genoeg steun om niet te verliezen, maar te weinig om te winnen. Daardoor blijft de vleesmolen draaien. Ik hoor in Oekraïne de reactie: ‘Wat moet er nog gebeuren om het Westen dat te doen inzien?’ We beseffen hier te weinig dat zij daar voor de vrijheid van ons állemaal vechten en hun levens geven.”





















