
Zorgen om toekomst melkveebedrijf: “Voor de jonge generatie wordt het lastig.”
NieuwsEst – De Miljoenennota brengt voor melkveehouder Ton Miltenburg uit Est weinig verrassingen. De plannen rond stikstof en verduurzaming waren al eerder aangekondigd en de uitwerking is nog steeds onzeker. “We weten al zeven of acht jaar niet meer waar we aan toe zijn. Dat is misschien wel het allerergste.”
Miltenburg (54) runt een melkveebedrijf met ruim 120 melkkoeien. Zoon Stijn (20) is inmiddels toegetreden tot de maatschap. Daarmee heeft Miltenburg een opvolger, iets wat volgens hem een groot verschil maakt. “Zonder opvolger zou dit bedrijf sowieso gestopt zijn, maar Stijn heeft er zin in dus we willen graag door.”
De stikstofplannen betekenen voor zijn bedrijf dat er maatregelen nodig zijn. De boerderij ligt op ongeveer 1.200 meter van een Natura 2000-gebied. “Wij zouden veilig moeten zijn, maar we zitten net iets boven de norm van 2,6 grootvee-eenheden per hectare, dus moeten er koeien weg.” Daarnaast gelden er regels voor een ‘dierwaardige veehouderij’ en dat betekent dat stallen aangepast of vernieuwd moeten worden. Ook wordt Miltenburg geacht te investeren in nieuwe technieken die ammoniakuitstoot verminderen, zoals emissiearme vloeren en systemen waarbij urine en mest worden gescheiden. “Als ik een nieuwe stal bouw met ongeveer dezelfde capaciteit, ben ik zo twee miljoen euro verder.”
Daar zit een belangrijk probleem. Investeren in een nieuwe stal of technieken is alleen rendabel als daar voldoende verdienvermogen tegenover staat. “Als ik geen liter melk meer ga melken, wordt mijn kostprijs hoger maar de melkprijs blijft hetzelfde.” Daarbij komt ook nog eens de onzekerheid over toekomstige regelgeving. “Een vergunning kan zomaar ingetrokken worden. Dat geeft weinig vertrouwen. We weten al zeven of acht jaar niet meer waar we aan toe zijn. Dat is misschien wel het allerergste.”
Voor zijn eigen generatie verwacht Miltenburg dat het bedrijf voorlopig verder kan. Voor zijn zoon ligt dat anders. “Over tien jaar ben ik 64. Dan moet hij het gaan doen. Stijn lijkt zich vooralsnog minder zorgen te maken. “Hij is er niet zo mee bezig als ik.” Volgens zijn vader is dat kenmerkend voor jonge boeren. “Die denken toch wat makkelijker: het komt wel goed.”
Miltenburg heeft geen goed woord over voor de boerenprotesten en rellen rond Prinsjesdag. “Ik heb geen oordeel over wat er gisteren allemaal is gebeurd, maar ik wil daar ver van blijven.”
Hij begrijpt dat boeren actie willen voeren. “Er moet reuring komen om de overheid wakker te krijgen. Dat snap ik. Boeren willen laten zien dat de zorgen groot zijn en dat er iets moet gebeuren. Maar een overheid gaat nooit overstag door geweld. Je bereikt er volgens mij uiteindelijk alleen maar mee dat mensen tegenover elkaar komen te staan. Ik denk niet dat dit de manier is.”
De agrarische sector is een grote exporteur van voedsel, maar er wordt ook veel geïmporteerd.
Wat als dat straks moeilijker wordt?
Miltenburg houdt zijn hart vast. “Het wordt gevaarlijk als een land niet meer in staat is om zijn eigen voedsel te produceren.”
Toch is Miltenburg van nature een positief mens. “Ik probeer altijd naar de toekomst te kijken en kansen te zien. Maar ik maak me wel grote zorgen. Het wordt een moeilijk verhaal om als boer je kost te blijven verdienen.”
José Buijs





















