
Eindelijk hoop voor woonwagenbewoners in West Betuwe
NieuwsWEST BETUWE • Het college van West Betuwe wil een woonwagenbeleid op stellen. Het plan is om dit beleid in het tweede kwartaal van 2025 aan de gemeenteraad te presenteren.
Ik hoop dat er met het nieuwe beleid ook plekken voor mijn kinderen komen.
Tjeu Karssen, woonwagenbewoner in Asperen heeft weer een klein beetje hoop. “Ik ben hier opgegroeid, mijn vader had een sloperij naast het woonwagenkamp.”
“Toen ik hier opgroeide stonden er nog acht woonwagens, nu staan er nog maar drie. Ik hoop dat er met het nieuwe beleid ook plekken voor mijn kinderen komen.”
Karssen woont met zijn vrouw, Lucy Karssen, en twee kinderen in een woonwagen aan de rand van Asperen. “Mijn twee kinderen zijn inmiddels 24 jaar, dus die zouden graag een eigen woonwagen willen. En woonwagens zijn het probleem niet, die zijn er genoeg, maar er zijn geen plekken om ze neer te zetten.” In Nederland zijn er in 2020 in totaal ruim 8.800 woonwagenstandplaatsen.
Terug in de tijd
In 1999 is de Woonwagenwet in Nederland ingetrokken. Hiermee werd de verantwoordelijkheid voor het woonwagenbeleid verplaatst van het Rijk naar gemeentes. Daarnaast zorgde de intrekking van deze wet ervoor dat woonwagenbewoners onder de algemene regels voor wonen gebracht werden.
Doordat de gemeentes verantwoordelijk werden voor het beleid van de woonwagens verdwenen er veel woonwagenplekken. “Er werd een uitsterfbeleid gevoerd”, legt Tjeu Karssen uit. Het uitsterfbeleid is een beleid waarbij gemeentes de woonwagenstandplaatsen probeerden terug te brengen tot nul. Dit beleid werd tot 2018 gevoerd.
Woonwagenbewoners hebben een eigen culturele identiteit, deze identiteit verdient bescherming.
Woonwagenbewoners verdienen bescherming
In 2017 bracht de Nationale ombudsman een rapport uit over woonwagenbewoners. Hierin werd ook het uitsterfbeleid genoemd. “Woonwagenbewoners hebben een eigen culturele identiteit, deze identiteit verdient bescherming.” Ook het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en het College voor de Rechten van de Mens hebben hier meerdere uitspraken over gedaan. Dit College oordeelde dat als een gemeente een uitsterfbeleid voert, waardoor woonwagens verdwijnen, er verboden onderscheid wordt gemaakt op grond van ras. Daarnaast stellen zij: “De woonwagen[woonvorm] is een essentieel onderdeel van de woonwagencultuur, een uitsterfbeleid tast de kern van de levenswijze van deze bevolkingsgroep aan.”
“Mijn dochter is met haar man en kinderen naar Leerdam verhuisd. Het liefste zou zij met haar familie bij ons op het woonwagenkamp willen wonen, maar er is geen standplaats”, legt Tjeu Karssen uit. “Als er een plek bij komt op dit terrein, kom ik hier meteen met mijn gezin naar toe”, vult de dochter van Tjeu Karssen aan.
Nieuw beleid
In 2018 kwam het Rijk met een beleid om gemeentes te helpen een invulling te geven aan het huisvesten van woonwagenbewoners: ‘Het beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’. Ook gemeente West Betuwe wil hier een beleid in gaan opstellen. De gemeente wil gaan kijken naar de uitbreiding van bestaande locaties en mogelijke nieuwe locaties. Ook wil de gemeente huurplekken omzetten in koopplekken en praten met woningcorporaties en woonwagenbewoners. Verder wil de gemeente aan de slag met een inschrijvingsbeleid.
Wij willen gewoon bij elkaar blijven wonen, dat is onze cultuur.
“In 2019 hebben we aangegeven dat de kinderen ook een standplaats voor een woonwagen zoeken, maar tot nu toe was er nooit iets mogelijk. Onze vragen en opmerkingen werden afgewimpeld”, aldus Tjeu Karssen.
Nieuwe hoop
In 2018 is er een regionaal een onderzoek gedaan naar de woonbehoefte onder woonwagenbewoners. Hieruit bleek dat er in West Betuwe op de korte termijn naar vijf standplaatsen gezocht wordt. “Wij willen gewoon bij elkaar blijven wonen, dat is onze cultuur”, legt Lucy Karssen uit. “Ik heb weer een klein beetje hoop. Arkel krijgt een nieuw woonwagenkamp en ook heeft een kamp in Oss meer plaatsen gekregen. Misschien gaat er ook hier eindelijk iets gebeuren.”
In 2021 waren er in in West Betuwe 36 standplaatsen verdeeld over acht woonwagenkampen. Ook waren er 16 tijdelijke standplaatsen. In 2018 waren er in gemeente Geldermalsen en Neerijnen samen 6 woonwagenkampen met in totaal 37 standplaatsen. De data vanuit de toenmalige gemeente Lingewaal ontbreekt.
Anne Ruth den Hertog






















