
‘Wenselijk’
ColumnAls kind was ik min of meer veroordeeld om namens ons gezin de kerstkaarten te schrijven. Mijn vader had die taak aan mij toevertrouwd omdat hij mijn handschrift zo mooi vond. Zelf schreef hij met van die puntige letters, die je in zekere zin zou kunnen vergelijken met de handtekening van Trump. Maar dat was dan ook de enige overeenkomst tussen mijn vredelievende vader en die onrust stokende president van Amerika.
Ik schreef mijn vingers blauw aan die kaarten. Het waren er meer dan dertig, waarvan er al bijna twintig naar mijn ooms en tantes gingen. De mooiste kaart was bestemd voor ‘ome Hans’ in het Canadese Vancouver. Dat was een geëmigreerde oom van mijn vader. Ik wist niets van die man. Hij zou ooit in Wageningen gewoond hebben. En een zoon hebben, Frans Beijer, die furore maakte als voetballer van FC Wageningen. In die stad is een straat naar hem genoemd. Ome Hans stuurde elk jaar een fantastische kaart terug. Dubbel zo groot als een normale kerstkaart en helemaal vol met glitter. Die kaart kreeg een ereplaats op het dressoir. Merry Christmas van ome Hans. Een buurvrouw zag die kaart en las heel langzaam: mer-rie christ-mas. En toen vroeg ze mijn vader of de kerstman soms een paard had aangeschaft.
De kerstkaarten maken in deze tijd steeds vaker plaats voor kerstwensen via de sociale media. Je vult een paar kreten in, kiest een paar leuke plaatjes uit en, hupsakee, Facebook of ChatGPT toveren je digitale kaart op je beeldscherm. Je wordt erdoor besmet, ik doe er zelf ook aan mee. Ook al weet ik dat die big tech-bedrijven je gegevens doorverkopen aan adverteerders en er zo lekker aan verdienen. Hoe dan ook, als je kerstwens maar gemeend is en geen bijbedoelingen heeft.
Ik zie kerst- en nieuwjaarswensen die verdacht veel op verkiezingsposters lijken.
En daar twijfel ik soms aan. Ik zie kerst- en nieuwjaarswensen die verdacht veel op verkiezingsposters lijken. Bijvoorbeeld filmpjes van politici die je eerst fijne feestdagen en een gelukkig nieuwjaar wensen en vervolgens hun bestuurlijke prestaties van het afgelopen jaar opsommen. Kijk, daar hou ik niet zo van. Kerstmis en Nieuwjaar voor je eigen politieke karretje spannen; nee, dat komt op mij niet erg oprecht over. Dan laat je je in de kaart kijken. Daarom verlang ik terug naar al die kerstkaarten die ik als kind aan de keukentafel heb geschreven. En aan de welgemeende kaarten die terug kwamen, tot uit Vancouver toe. Die tijd komt niet terug. Dat besef ik ook wel. Ach, ik ben gewoon aan het nakaarten.
(reageren: jbeijer@upcmail.nl)
Jan Beijer






















