
Krimpenerwaard vraagt minister om maatwerk voor boeren in veenweidegebied: ‘vertrouwen behouden’
NieuwsKrimpenerwaard – De gemeente Krimpenerwaard pleit bij minister Van Essen voor een gebiedsgerichte aanpak van de problemen rond landbouw, natuur en stikstof. Landelijke maatregelen moeten volgens de gemeente beter aansluiten bij de specifieke omstandigheden van het veenweidegebied.
Het college heeft op dinsdag 1 september gereageerd op de Kamerbrief die de minister op 26 juni verstuurde over het maatregelenpakket voor landbouw, natuur en stikstof. Met de reactie wil de gemeente aandacht vragen voor de gevolgen van de plannen voor de agrarische sector in de Krimpenerwaard.
Ruimte voor verschillen
Volgens het gemeentebestuur is economisch houdbare landbouw een belangrijke voorwaarde voor het onderhoud van het landschap, het beheer van weidevogels en het herstel van de natuur. Binnen landelijke normen moet daarom ruimte blijven voor verschillen tussen gebieden, bedrijven en bedrijfsmodellen. Daarmee wil de gemeente voorkomen dat agrariërs die al vroeg duurzame maatregelen hebben genomen, alsnog onevenredig zwaar worden belast.
De gemeente waardeert dat het kabinet stappen zet en bereid is aanzienlijk te investeren. Tegelijk vraagt zij onder meer om een haalbare ammoniaknorm per fosfaatrecht, een oplossing voor de PAS-problematiek en een collectieve, gebiedsgerichte stikstofaanpak in plaats van individuele beoordelingen.
Realistisch tijdpad
Ook wil Krimpenerwaard dat de zonering Stein-Zuid wordt geschrapt en dat agrarisch natuur- en landschapsbeheer eerlijk wordt vergoed. Verder vraagt de gemeente om landelijke regie en financiële middelen voor het bestrijden van invasieve exoten. De aanpak en financiering zouden moeten aansluiten bij het gebiedsplan van het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied voor de Krimpenerwaard.
“In de Krimpenerwaard zijn gebiedspartners al geruime tijd in gesprek en is veel energie gestoken in gezamenlijke oplossingen”, zegt wethouder Leo Barth. Hij roept het Rijk op om voort te bouwen op dat proces en te zorgen voor een realistisch tijdpad, tijdige financiering en een eerlijk verdienmodel.
“Alleen wanneer agrariërs en inwoners ervaren dat hun inzet daadwerkelijk meetelt, kunnen we het vertrouwen behouden en gezamenlijk blijven werken aan toekomstbestendige landbouw, een vitaal landschap en duurzaam natuurherstel.”




















