
Lintje eert inzet van vrijwilligers Jos en Bert voor knotwilg in de Krimpenerwaard
Nieuws 162 keer gelezenKrimpen a/d IJssel - Jos de Nood en Bert Verveer van Knotgroep Krimpen hebben vrijdag een koninklijke onderscheiding ontvangen tijdens de jaarlijkse lintjesregen in Krimpen aan den IJssel. Zij waren twee van in totaal veertien Krimpenaren die dit jaar werden geëerd. Hun jarenlange inzet voor het behoud van de knotwilg in de Krimpenerwaard werd daarmee beloond.
Met een list lokte het bestuur vrijwilligers Jos en Bert naar het Raadhuis van Krimpen aan den IJssel, waar de burgemeester hen opwachtte. In aanwezigheid van familie en bestuursleden van de knotgroep reikte de burgemeester de onderscheidingen voor Lid in de Orde van Oranje-Nassau uit als beloning voor hun belangeloze vrijwillige inzet.
Compliment aan de hele groep
Het bestuur en de mede-vrijwilligers zijn er trots op. Voorzitter Yolande Nederveen vindt eigenlijk dat alle vrijwilligers van de groep een lintje verdienen. "Deze koninklijke onderscheiding zien we als een mooie persoonlijke waardering voor Jos en Bert én als een compliment aan de gehele groep die zich inzet voor de natuur in de Krimpenerwaard.”
De onderscheiding omschrijft het bestuur als "een kroon op hun jarenlange werk in het veld en op de achtergrond als bestuurder."
Tijdens het knotseizoen werken De Nood en Verveer met veel inzet en plezier op verschillende locaties in en om Krimpen aan den IJssel. Daarnaast steken ze veel tijd in de voorbereiding van het nieuwe seizoen en het onderhoud van het materiaal. De twee zijn inmiddels 80-plussers en hebben onlangs een stap terug gedaan door hun bestuurstaken over te dragen aan de jongere garde. Toch zullen zij ook komend seizoen, dat in november begint, weer actief zijn in het veld.
De wortels van de knotgroep liggen in de jaren zeventig. Toen dreigde de knotwilg uit het polderlandschap te verdwijnen door schaalvergroting in de landbouw en gebrek aan onderhoud. Jos de Nood zag het verval met lede ogen aan en nam het behoud van de boom in de Krimpenerwaard voor zijn rekening. Samen met een groep natuurliefhebbers verzorgde hij het onderhoud op een aantal percelen.
Openhaardhout
"De vrijwilligers hielden in de eerste plaats van het werken in de buitenlucht. Dat een ieder na de gedane arbeid wat hout voor de openhaard mocht meenemen, heeft ook aan de goede opkomst bijgedragen", memoreert De Nood.
Ruim vijftig jaar later zijn er nog steeds veel vrijwilligers met een groen hart. Tijdens de wintermaanden ontdoen zij talloze wilgen van hun takken, zodat in het voorjaar insecten zich er kunnen voeden en vogels zich er kunnen nestelen. Zo blijft ook de karakteristieke knotwilg met zijn knoestige stam en grillige vorm een vertrouwd beeld in het landschap.




















