
Rechtszaak tegen Papendrechtse phishingverdachte uitgesteld
Nieuws
Papendrecht/Dordrecht - Een 25-jarige Papendrechter die wordt verdacht van onder meer online en telefonische oplichting, kon woensdag nog niet worden berecht. De rechtbank in Dordrecht stemde in met het verzoek van de advocaat van de man om eerst nog een belangrijke getuige te horen.
L.K. zou volgens het Openbaar Ministerie (OM) minstens één keer met succes ‘kind-in-nood-fraude’ hebben gepleegd. Door een slachtoffer in Maasland te benaderen met een dringend financieel hulpverzoek – zogenaamd afkomstig van het eigen kind van de gedupeerde – maakte hij vorig jaar 4.000 euro buit.
Twee jaar eerder zou hij iemand 2.300 euro afhandig hebben gemaakt door zich als ING-bankmedewerker voor te doen. Dat slachtoffer uit Bergen op Zoom liet zich verleiden om een bankopnamelimiet te verhogen en creditcardinformatie af te staan.
Online vals voordoen
Daarnaast wordt K. verweten dat hij jarenlang technische hulpmiddelen in bezit had waarmee hij zich online vals kon voordoen als een bedrijf of instantie (‘phishingpanels’), evenals lijsten met namen van potentiële fraudeslachtoffers. In 2023 werd de Papendrechter opgepakt in Oostenrijk, waar hij drie dagen voor soortgelijke feiten vast zat samen met een medeverdachte. Dit is tevens de man die nu eerst nog gehoord zal worden als getuige.
Justitie in Salzburg vervolgde K. destijds niet en liet hem vrij. Bewijsmiddelen werden overgedragen aan Nederland, met het verzoek om de verdachte in eigen land te vervolgen. K.’s advocaat beklaagde zich er bij de Dordtse rechtbank over dat hij niet beschikt over het dossier uit Oostenrijk.
Daarmee zou het beginsel worden geschonden van ‘gelijke toegang’ tot informatie voor het OM enerzijds en de verdediging anderzijds. In dat dossier zou immers ontlastende informatie voor zijn cliënt kunnen staan.
Zaak in Salzburg speelt geen rol
De Nederlandse officier van justitie verklaarde woensdag echter dat de stukken uit Salzburg geen rol meer spelen in de huidige strafzaak. Het OM heeft het rechtshulpverzoek van Oostenrijk niet gehonoreerd.
In plaats daarvan is het cybercrimeteam, aan de hand van onder meer de telefoon en telefoongegevens van K., opnieuw begonnen met rechercheren. Zo is een nieuw, puur Nederlands dossier gevormd. De rechtbank wees het verzoek van K.’s advocaat om over Oostenrijkestukken te mogen beschikken dan ook af.
Dat neemt niet weg dat de behandeling van de zaak werd uitgesteld tot na het verhoor van de getuige. K. zelf is op vrije voeten en was niet in de rechtbank aanwezig. Zijn advocaat verklaarde onder meer dat zijn cliënt nu werk heeft en dat zijn rol als jonge vader veel van hem vergt.





















