
Hoopvolle vooruitzichten voor behoud van ParticiPand: mogelijk nieuw onderkomen voor Voedselbank
NieuwsAlblasserdam - ParticiPand in de huidige vorm behouden als gemeentelijke voorziening, een investering van een miljoen om het gebouw te verduurzamen én nieuwe gebruikers: de toekomst van het pand waarvan sluiting dreigde, ziet er een stuk zonniger uit.
Het plan van burgemeester en wethouders om in het kader van bezuinigen ParticiPand af te stoten, leidde meteen al tot fel verzet van de gebruikers. Zij kregen steun van de gemeenteraad.
Voor de zomervakantie sprak een meerderheid van de raadsleden zich uit voor behoud van het ParticiPand. De gebruikers zelf presenteerden daarnaast een plan voor een nieuwe toekomst van het gebouw.
Onderdak regelen voor drie instanties
Begin september lieten burgemeester en wethouders in een brief aan de gemeenteraad weten hierin mee te gaan. Daarmee willen zij meteen onderdak regelen voor instanties die door het afstoten van twee andere gemeentelijke panden, de voormalige brandweerkazerne en De Postduif, een nieuw onderkomen nodig hadden.
Daarbij gaat het om de Voedselbank Alblasserdam, Vluchtelingenwerk Nederland en Stichting Jeugd-Punt. Deze waren ook al voorgesteld door de huidige gebruikers. Zij noemden ook de Kledingbank Alblasserdam, die dringend op zoek is naar een locatie.
Maar op dat punt houden burgemeester en wethouders de boot af. ‘Dit omdat we menen dat er voldoende vergelijkbaar aanbod is.’ Om er wel aan toe te voegen: ‘Het is niet onmogelijk dat de Kledingbank bijvoorbeeld op een vast dagdeel per week in een dan beschikbare ruimte kleding uitstalt.’
Fors besparen op energielasten
Wat betreft de investering van 1 miljoen euro: daar laten burgemeester en wethouders zich positief over uit. Zij beamen het uitgangspunt van de gebruikers dat hierdoor in de toekomst fors bespaard kan worden op energielasten.
Met onder meer het aanbrengen van isolatie, nieuwe kozijnen en glas n zonnepanelen verwacht burgemeester en wethouders vijftig procent minder gas- en stroomverbruik te realiseren.
Daarvoor is zelfs niet 1 miljoen euro nodig: de teller blijft op 725.000 euro steken. Het restant wil het gemeentebestuur achter de hand houden. ‘Het lijkt ons verstandig dit te reserveren voor het betalen van eventuele tegenvallers in duurzaamheidsinvesteringen of in regulier onderhoud.’






















