
Corrie bezorgt al zestien jaar post: ‘Bij sneeuw is het ploeteren over de ongeveegde stoepjes’
NieuwsUppel – Ze zijn niet te missen in het straatbeeld: de solide fietsen met achterop twee grote oranje tassen en voorop een volgeladen mand. De eigenaars ervan hebben over hun kleding ook nog een vest met daarin twee goed gevulde vakken. Vijf dagen per week bezorgen ze post.
Corrie Kolff (65) uit Uppel is één van hen. Ze weet niet hoeveel kilometer ze loopt, maar dat moeten er meer dan tien zijn, want gemiddeld is ze dagelijks vier uur op de been.
Na thuis een bakkie koffie te hebben gedronken, vertrekt Corrie om 8.45 uur op de fiets naar het depot in het Steunpunt in Nieuwendijk. Daar staat in een rolcontainer de post voor het hele dorp klaar.
Haar eerste werk is die te legen en de post per wijk klaar te leggen. Iedere woonplaats in Nederland is in een aantal wijken opgedeeld. Nieuwendijk telt er vier.
Soorten post
De post in de rolcontainer is in drie soorten gesorteerd. Per wijk zijn er tassen met kleine brieven en kaarten, tassen met grote post, bestaande uit tijdschriften en grote enveloppen, en tot slot de brievenbuspakjes. Iedere tas is gelabeld en met een tiewrap dichtgemaakt.
De geleverde tassen kunnen zo in de fietstassen geschoven worden. Corrie: "Maar als je meer dan één tas van ieder soort moet meenemen, komt er wel logistiek denkwerk aan te pas."
In de tassen met kleine en grote post zitten de poststukken voor één straat gebundeld onder een elastiek. Per straat pakt de postbezorger beide bundels uit de fietstassen en stopt deze in de vakken van het vest.
Op daldagen is het minder lopen en veel meer fietsen
De brievenbuspakjes kunnen eventueel in het extra netje. Adres voor adres wordt de post uit de verschillende vakken bij elkaar gepakt en in de brievenbus gedaan.
Soms zit er ineens een poststuk tussen voor een oud-bewoner of zelfs voor een heel andere woonplaats. Dat krijgt aan het einde van de route een sticker en wordt in de rode brievenbus gedaan om elders bezorgd te worden.
Twee piekdagen
In de app kan Corrie zien welke wijk zij moet lopen. Elke wijk heeft twee piekdagen en daarnaast daldagen. Op daldagen wordt alleen kleine post bezorgd, op piekdagen wordt ook grote post afgeleverd. Een bezorger loopt één piekwijk of twee dalwijken.
Corrie: "Op daldagen is het minder lopen en veel meer fietsen. Slechts hier en daar gaat er een brief of een pakketje door de brievenbus." Ze vervolgt: "Per juli gaan de daldagen trouwens verdwijnen. We komen dan niet meer vijf keer in de wijken, maar alleen op de twee piekdagen en op zaterdag. Er verdwijnt iets wat er voor mensen echt bij hoort, maar doordat er steeds meer over de mail gaat, is er minder post."
Vlak voordat Corrie het eerste tiewrapje van een tas loshaalt, logt ze in: "Zo kunnen ze zien dat een postbezorger aan het werk is en van welke wijken de post is blijven liggen.
Als ik klaar ben, geef ik in de app aan of ik langer of korter bezig ben geweest dan de gemiddelde looptijd voor een wijk. En wat daarvan de reden was. Vaak is dat de hoeveelheid post, maar het kan ook pech zijn met de fiets of veel wind."
Vaste routes
De routes die Corrie loopt, staan vast en zijn van bovenaf computergestuurd bepaald.
Je ziet dat kinderen dol zijn op post
Corrie: "Iedere wijk heeft leuke en minder leuke kanten. Op de dijken is het afwisselend en zijn er de trapjes, in de nieuwbouw is het veel van hetzelfde, bij de seniorenwoningen word je in de gaten gehouden en in hele nieuwe wijken is zelden iemand thuis.
Je ziet dat kinderen dol zijn op post en je merkt dat mensen naar je uitkijken. De contacten onderweg maken het leuk. Er is altijd wel een groet en een praatje. Vaak over het weer."
Het weer
Het ideale weer voor postbezorger Corrie telt een graadje of twintig, vijfentwintig, weinig wind en een zonnetje. Boven de dertig graden wordt het zwaar en moet er veel gedronken worden, maar echt zwaar wordt het werk bij sneeuw.
Corrie: "Op kou kun je je kleden, maar met de ongeveegde stoepjes en de hobbels en bobbels is het echt ploeteren."
Toen Corrie zestien jaar geleden startte als postbezorger, kreeg ze een voorlopig kledingpakket. Sindsdien ontvangt ze ieder half jaar punten waarmee ze naar eigen inzicht delen van haar bedrijfskleding kan vervangen. Alleen de broeken van PostNL draagt ze niet.
De fiets voor haar werk heeft ze destijds zelf aangeschaft. Omdat deze met de zware vracht veel te verduren heeft, ontvangt ze maandelijks een vaste vergoeding om de reparaties te betalen. Als dat bedrag niet toereikend is, mag ze extra declareren.





















