
College wijst meer watertappunten in Molenlanden af: huidige aantal is voldoende
NieuwsMolenlanden - De gemeente Molenlanden krijgt geen extra openbare watertappunten. Het college ziet geen reden om in overleg te gaan met drinkwaterbedrijf Oasen over uitbreiding, ook niet op plekken waar veel gesport en gespeeld wordt.
De lokale partij Progressief Molenlanden stelde onlangs schriftelijke vragen aan het college over openbare watertappunten in de gemeente. Aanleiding was het relatief lage aantal tappunten in verhouding tot het aantal kernen. Molenlanden telt momenteel twaalf openbare watertappunten, verspreid over of nabij twaalf kernen. Eén tappunt staat in het buitengebied, ter hoogte van de Zijdebrug over de Groote of het Achterwaterschap. De partij vindt dat dit er meer moeten zijn, omdat meerdere kernen nu nog geen enkel tappunt hebben.
Progressief Molenlanden pleit voor minimaal één tappunt per kern en vroeg specifiek aandacht voor plekken waar veel mensen samenkomen, zoals de Slingelandse plassen en de speeltuinen in de gemeente. De fractie wees ook op de duurzame voordelen: wie een eigen fles vult, gebruikt minder plastic.
College: dichtheid is voldoende
Het college erkent de waarde van openbare watertappunten, maar deelt de conclusies van Progressief Molenlanden niet. Volgens het gemeentebestuur van Molenlanden zijn de tappunten vooral bedoeld voor fietsers en wandelaars. De gemiddelde afstand tussen de huidige tappunten in de gemeente bedraagt 4,5 tot 5 kilometer, wat het college voldoende vindt voor recreatief gebruik.
Ook Oasen zelf is terughoudend, meldt de gemeente. Het drinkwaterbedrijf geeft aan dat Molenlanden in vergelijking met andere gemeenten waar Oasen actief is, al relatief veel tappunten heeft. Beheer en onderhoud, waaronder het afsluiten en openstellen in de winterperiode, vormen een aanzienlijke opgave. Oasen wil die last niet verder laten oplopen.
Geen tappunten bij speeltuinen
Het college wil ook niet in overleg met Oasen over extra tappunten bij speeltuinen. Oasen plaatst sowieso geen tappunten bij scholen, omdat daarvoor aparte regelingen binnen de schoolgebouwen bestaan.
Voor speeltuinen geldt een vergelijkbare terughoudendheid: het risico op vandalisme is een bezwaar, en kinderen uit de buurt kunnen water van thuis meenemen, aldus Oasen.
Bewoners niet betrokken bij keuze locaties
Progressief Molenlanden vroeg ook of bewoners mee mogen denken over de locaties van nieuwe tappunten. Het college zegt daar geen behoefte aan te hebben.
Omdat het college de huidige dekking voldoende vindt én aan nieuwe aanvragen kosten verbonden zijn die de gemeente moet betalen, acht het college een inspraaktraject niet zinvol.





















