
Dominee Mijderwijk keert in Lexmond terug in Vijfheerenlanden: ‘Het voelt als thuiskomen’
NieuwsLEXMOND • ‘Het voelt als thuiskomen,’ omschrijft dominee Chris Mijderwijk (61) zijn gevoel nu hij weer op Vijfheerenlandse bodem staat. Stevige klei onder de voeten in plaats van Veluws zand. Op zondag 26 januari vond de intrededienst in Lexmond plaats. Voordat hij predikant werd in Putten stond Mijderwijk in buurgemeente Meerkerk. Van hieruit werd hij consulent voor hervormd Lexmond. Nu ziet hij kerkenraadsleden die bij hem belijdeniscatechese volgden. Ook dat voelt vertrouwd.
Mijderwijk blikt terug op zijn periode in Putten: “Goed om ook die kant van de Biblebelt te leren kennen. Wel anders, met een gemeente van 6.000 leden en vijf predikanten. Zelfs ’s zomers bleef dit aantal op peil door de vele toeristen, voor hen hielden we ook speciale openluchtdiensten. Wij woonden prachtig aan de bosrand. Een wolf ben ik niet tegengekomen, wel herten en zwijnen. En kabouters, maar die zochten we met de kleinkinderen. Ze hebben al ontdekt dat we nu dichtbij Fien en Teun wonen.”
Boerenland
“Het boerenland is me niet vreemd: in de oudste stad van het Groene Hart, Oudewater, stond mijn wieg. Ook die van Anja, mijn vrouw. Desondanks hebben we elkaar in Engeland leren kennen. Mijn lagere schooltijd bracht ik door in Bleskensgraaf. Vader werkte in de scheepsbouw voordat hij hulpprediker en onderwijzer werd. Je kunt wel zeggen dat ik in zijn voetsporen ben getreden. Dat ik predikant ben geworden, heeft hij helaas niet meer meegemaakt. Elke bevestigingsdienst denk ik: ‘Als hij hier toch eens bij geweest was.’”
Via een omweg
Mijderwijk koos niet de kortste weg naar het ambt van herder en leraar, verdiende eerst nog zijn brood als docent brood- en banketbakker. Daaraan voorafgaand, van z’n 15e tot aan de militaire dienstplicht, werd hij op zaterdag gekneed in het bakkersvak. “Een mooi ambacht: van het dagelijks brood tot gebak als er iets te vieren valt.”
Je proeft de passie wanneer Mijderwijk erover vertelt. Twee jaar geleden kon hij weer een bruidstaart maken, toen de laatste van zijn vier kinderen trouwde. Mijderwijk heeft 22 jaar in het onderwijs gewerkt, zat in de directie van een scholengemeenschap en werd leraar Godsdienst en Maatschappijleer naast zijn studie Theologie. ‘Best pittig’ erkent Mijderwijk, die van z’n 39e tot z’n 45e theologie studeerde, fulltime lesgaf en dit combineerde met een opgroeiend gezin.
De jeugd heeft altijd zijn hart gehad. Vijftien jaar lang heeft hij HGJB-jeugdkampen geleid en tien jaar lang was hij jeugdouderling in Oudewater. De jeugd heeft ook hier en nu zijn aandacht. Hij memoreert een gemeentelid: ‘Dominee, fijn dat u er bent hoor, voor ons, maar denk vooral aan onze kinderen en kleinkinderen.’
Mee met verhuiswagen
Ook voor de eigen kinderen staat de deur van de pastorie altijd open. Hoewel ze al langere tijd zijn uitgevlogen, waren er nog genoeg spullen te verhuizen: twee verhuiswagens vol.
“Wat elke verhuizing meegaat, is een gepersonaliseerd wandbordje van mijn opa, dat hij kreeg toen hij 40 jaar diaken en voorlezer was in de kerk van Oudewater. Omdat ik naar opa vernoemd ben én toegetreden tot diezelfde kerkenraad, kreeg ik dit aandenken van mijn moeder.” Mijderwijk staat op en loopt naar een hoekje van de studeerkamer met relikwieën uit het Heilige Land. “Een ander object dat beslist niet met de verhuiswagen wordt vervoerd, is het wijnkruikje uit Kana.” Hij toont een sierlijk, terracotta kruikje waaruit de Joodse bruidegom wijn schenkt, gekocht tijdens één van de negen Israël-reizen.
Andreas
“Als ik me met een Bijbels figuur vergelijk, voel ik me een Andreas. Van Andreas is niet zoveel bekend, hij lijkt wat teruggetrokken, maar brengt wel Petrus bij Jezus en de jongen met vijf broden en twee vissen. Het gaat niet om míj, maar dat mensen Jézus leren kennen. Ik hoop dat we de liefde die we van Hem ontvangen, naar elkaar zullen uitdelen.’
Mariëtte van Koevorden






















