
Staatssecretaris: ‘Geen gezondheidsrisico’s door vervuilde grond Havenhoofd en Veerdam in Papendrecht’
NieuwsPapendrecht - Staatssecretaris Aartsen van Infrastructuur en Waterstaat ziet geen aanleiding voor extra onderzoek naar de vervuilde grond onder woningen aan het Havenhoofd en de Veerdam in Papendrecht. De bewindsman reageert daarmee op Kamervragen van DENK-lid El Abassi over de bodemverontreiniging.
De grond onder 26 woningen in de wijk is vervuild met achttien verschillende gifstoffen, waaronder PAK’s, kwikdichloride en arseen. Deze verontreiniging stamt uit de tijd dat er een houtverduurzamingsbedrijf op de locatie stond.
Sanering in 1996-1997 uitgevoerd
De provincie Zuid-Holland liet de locatie in 1996 en 1997 saneren door een leeflaag van ongeveer een meter dik aan te brengen. Onder deze laag blijft de restverontreiniging aanwezig. In 1999 verklaarde de provincie de sanering voltooid.
"Door de leeflaag is er bij gewoon gebruik geen blootstelling aan de verontreinigde grond onder deze laag en zijn er dus ook geen gezondheidsrisico’s", schrijft Aartsen. Wel geldt de gebruiksbeperking dat de leeflaag in stand gehouden moet worden.
14 gevallen van kanker
Op de vraag van El Abassi of de staatssecretaris ermee bekend is dat er boven op de toxische grond 26 huizen zijn gebouwd waarvan 14 huishoudens te maken hebben gekregen met kanker, antwoordt Aartsen ontkennend.
“De enige bij het ministerie bekende informatie hierover is een citaat van het Kamerlid El Abassi in een bericht in de lokale media. Ook bij de provincie is hierover geen informatie bekend”, aldus Aartsen in zijn beantwoording.
Niet alle verontreinigde grond verwijderd
Bij een sanering wordt doorgaans niet alle verontreinigde grond verwijderd. Doel is vaak om een locatie geschikt te maken voor het beoogd gebruik, in dit geval woningbouw. Dat kan door het aanbrengen van een leeflaag, zoals bij het Havenhoofd en de Veerdam is gedaan.
Dit is volgens de beantwoording van de staatssecretaris een gangbare en bewezen techniek. Door de leeflaag wordt contact met de onderliggende verontreinigde grond voorkomen. Daarom is het ook belangrijk om de leeflaag in stand te houden.
Verlaagd terrein
Bijzonderheid bij de aan de Veerdam en het Havenhoofd was dat sprake was van een verlaagd terrein. Daarom is vooral grond aangebracht (ophoging) om de reguliere leeflaagdikte van één meter te bereiken.
Er hoefde daarom maar beperkt grond afgegraven en afgevoerd te worden. De sanering (aanbrengen van een leeflaag) is dus volgens de staatssecretaris wel uitgevoerd.
Bewoners pas later geïnformeerd
Kamerlid El Abassi vroeg waarom bewoners pas vijftien jaar na aankoop van hun huizen werden geïnformeerd over de vervuilde grond. Volgens de staatssecretaris stond informatie over de verontreinigingssituatie echter al in de koopcontracten van de nieuw gebouwde woningen.
In 2009 voerde de gemeente in overleg met een bewonerscomité een verifiërend deklaagonderzoek uit. Dit onderzoek bestond uit het vaststellen van de dikte en kwaliteit van de leeflaag in tuinen en luchtmetingen in kruipruimten.
Het onderzoek en de metingen waren voor het bevoegd gezag geen aanleiding om terug te komen op het oordeel dat door de sanering de locatie geschikt was voor de functie. Er bleken uit dat onderzoek geen risico’s voor de menselijke gezondheid.
Monitoring gestopt na 25 jaar
Van 1999 tot 2024 vond jaarlijks monitoring plaats. Op basis van de resultaten concludeerde het bevoegd gezag dat een stabiele eindsituatie is bereikt. Daarom stopte de monitoring.
In 2010 is een verhoogde binnenluchtwaarde (kwik) gemeten in een kelder en een studeerkamer. Dit was waarschijnlijk te wijten aan een stukgevallen kwikthermometer. Voor de zekerheid zijn daarna in 2015, 2018 en 2021 binnenluchtmetingen uitgevoerd.
In 2015 is bij één woning een verhoogde concentratie kwik gemeten in een kruipruimte. In de verblijfsruimte was het gehalte kwik echter onder de detectiegrens. Sinds 2018 zijn geen verhoogde concentraties meer gemeten. De resultaten zijn beoordeeld door het bevoegd gezag en akkoord bevonden.
Geen bestuurlijke impasse
El Abassi vroeg de staatssecretaris contact op te nemen met relevante partijen om een "lokale bestuurlijke impasse" te doorbreken. Aartsen ziet echter geen impasse. Hij verwijst naar een brief van het bewonerscomité waarin staat dat het overgrote deel van de bewoners zich geen zorgen maakt over de uitgevoerde bodemsanering.
Voor eventuele aanvullende vragen verwijst de staatssecretaris naar de provincie Zuid-Holland en gemeente Papendrecht, die verantwoordelijk zijn voor de bodemregelgeving.