
Johan (59) maakt iets dat minstens vijftig jaar zichtbaar is: ‘Een gemetseld huis blijft het allermooist’
NieuwsUitwijk - Al vier maanden werkt hij aan een groot project in Sleeuwijk. Dagelijks gaan er tussen de zes- en achthonderd stenen door zijn handen. Als dit werk klaar is, komen er waarschijnlijk weer wat kleinere klussen: renovatiewerk zoals een kozijn of een nokvorst vervangen, het opnieuw voegen van een gevel of het maken van een kunstwerk, maar wellicht ook een kademuur of een compleet huis. Metselaar Johan van Oudheusden (59) beleeft overal plezier aan: “Ik ga altijd voor een mooi resultaat. Ik maak iets dat minstens vijftig, zestig jaar zichtbaar is.”
Met genoegen kan hij in Altena kijken naar de huizen waar hij aan gemetseld heeft. Het meest trots is hij op een huis aan de Veldweg in Rijswijk:
“Het staat op een zichtlocatie en ik heb het helemaal alleen gemetseld. Het heeft mooie details zoals tuitgevels en hanenkammen boven de kozijnen. Voor dat laatste moeten alle stenen nauwkeurig gezaagd worden. Omdat er veel werk in gaat zitten, is het duur. Je ziet het daarom niet veel meer.
Maar omdat er weinig metselaars zijn, gaat men ook op zoek naar alternatieve gevelbekleding. Heel jammer, een gemetseld huis blijft toch het allermooist.”
Voorbereidingen
Vijf dagen per week is Johan om half acht op de bouwplaats. De pallet stenen op de steiger wordt over verschillende metselsteigers verdeeld, zodat ze net wat hoger staan, waardoor het makkelijker werken is.
Tussen de aangegeven maten op de profielen wordt een draad gespannen die de dikte van de voeg bepaalt. Met de kruiwagen wordt de specie uit de metselsilo gehaald en verdeeld over de kuipen. Als dat alles klaar is, kan het daadwerkelijke metselen beginnen.
Verbanden
Meestal wordt er in wildverband gemetseld, een willekeurige volgorde van hele stenen en halve stenen op de kop gezien. Vlaams verband, halfsteensverband en kruisverband zijn andere metselverbanden die vaak gebruikt worden.
Ook voor die verbanden worden niet altijd hele stenen gebruikt. Een steen wordt dan afgetekend en met een vuistje en een sabel wordt er een kwart of de helft afgehakt.
Honderden stenen
Met de truifel neemt Johan een juiste hoeveelheid specie uit de kuip en deponeert dit op de juiste plek voor een nieuwe laag. Een steen wordt erop geschoven en zo op hoogte gedraaid dat deze precies onder de gespannen draad valt. En weer een schep. En weer een steen.
Johan: “Je legt iedere dag een paar honderd stenen weg. Ik doe dit vanaf mijn zeventiende, sinds de LTS en daarna de bouwschool in Breda. Het werk ging mij steeds makkelijker af. Ik hoef niet naar de sportschool, maar je moet fysiek natuurlijk wel in orde zijn. Met hoe het tegenwoordig geregeld is, is het echt geen zwaar beroep meer.”
Voegen
Zodra een muur op hoogte is, worden de voegen uitgekrabd en vervolgens met een handveger uitgeveegd. Als de specie na een paar dagen tot een week uitgehard is, is het tijd om af te voegen. Vanaf een bordje wordt met een bepaalde beweging specie in de lintvoegen gebracht en vervolgens in de stootvoegen.
Stenen zijn er in honderden maten, kleuren en hardheden. Gebakken, zachte stenen metselen volgens Johan het makkelijkst, omdat ze hard zuigen waardoor er geen water langs de muur loopt. Met minder zuigende, harde stenen is er ook meer risico dat een muur in gaat zakken.
Het grootste ‘gevaar’ voor nieuw metselwerk is echter een onverwachte stortbui. De specie loopt dan tussen de stenen uit en geeft een sluier van cement. Johan: “Je hebt dan niet veel eer van je werk. Gelukkig lukt het meestal wel om de cementsluier er met chemische middelen weer af te krijgen.”
Weersomstandigheden
Een metselaar moet altijd rekening houden met het weer. Bij miezer kan er gemetseld worden, maar heel warm weer is niet goed voor de kwaliteit van het metselwerk en als het dag en nacht onder nul is, bevriest de specie.
Johan: “Nu de weersomstandigheden weer minder worden, wordt metselen minder leuk. In de ochtend wordt het nat en donker en de avond vooraf moet je voorbereidingen treffen, zoals het ophangen van bouwlampen.”
‘Niet veel gereedschap nodig’
Voor zijn eenmanszaak ‘Van Oudheusden Metselwerken’ beschikt Johan alleen over een bus. “Een metselaar heeft niet veel gereedschap nodig. Een slijptol, een boor en een schroeftol kan ik prima kwijt in mijn bus en als ik niet veel specie nodig heb, gebruik ik kant-en-klare zakjes die ik met een mixer aanmaak in een kuip. Voor grotere klussen heb ik in de schuur een speciemolen staan.”
Rond half vijf zit voor Johan een werkdag erop. Hij kiest er bewust voor om niet al te lange werkdagen te maken. Slechts een enkele keer is er in de avond nog wat administratie, een telefoontje of het bezoek aan een klant. “Je kunt je ook afvragen of je in de avond nog zo productief bent. Ook met hoe ik het doe, is er een goeie boterham te verdienen.”





















