
Tien jaar thuis in de Herbergier Dussen
AlgemeenDUSSEN • Paul en Monique Sassen bieden in de Herbergier al tien jaar zorg vanuit het hart aan ouderen met een geheugenprobleem. Ze begonnen met vier gasten. Anno 2021 wonen 18 gasten in de Herbergier.
Ze kijken terug op intensieve jaren, maar staan nog altijd honderd procent achter de visie van de Herbergier. Het bieden van kleinschalige, intensieve en persoonlijke zorg aan ouderen in een complex waar de deur altijd open staat.
“We werken hier in een ontspannen open sfeer, de zorg luistert heel nauw bij mensen met een geheugenprobleem. Hun gedrag wordt primitiever en dat vraagt een bepaalde aanpak. We willen mensen absoluut niet opsluiten, dan willen mensen juist naar buiten. We proberen het binnen zo gezellig te maken, dat ze niet naar buiten willen. We willen onze gasten vooral laten genieten van dingen en een zodanig contact opbouwen dat zorg bijzaak wordt”, zo vertelt het echtpaar Sassen in de eetzaal, waar vanuit de keuken de geur van versgebakken cake binnendringt. De meeste bewoners zitten ontspannen aan tafel voor het koffieuurtje, terwijl een bezoeker aanschuift bij haar familie.
“We hebben een bewoner gehad die hier tien jaar heeft gewoond, maar soms wonen mensen hier maar kort. Zo’n overlijden doet altijd zeer, vooral omdat je zoveel deelt met elkaar. We gaan ook nooit weg als iemand slecht ligt.” In Dussen wonen gasten uit het hele land.
Vertrouwde gezichten
In totaal werken 26 mensen bij de Herbergier, die verdeeld over vier diensten steeds 24-uurs zorg verlenen. Ze werken bewust niet met uitzendkrachten, omdat het belangrijk is dat bewoners steeds vertrouwde gezichten zien. “We kijken iedere dag waar behoefte aan is en we willen absoluut geen betutteling. Komt er familiebezoek, gaan we lekker in de tuin zitten, gaan we samen bloemen kopen of naar de Beekse Bergen?
Onze gasten gaan niet uit zichzelf iets doen, maar we willen voorkomen dat mensen zich gaan vervelen. We hebben soms gasten die nog fietsen, dan gaat de telefoon mee. Soms raakt iemand tijdens een wandelingetje de weg kwijt en wordt dan opgevangen met een kopje thee. Dan krijgen we een telefoontje, ze zit bij ons hoor. Dussen is echt een warm dorp.”
Na tien jaar Herbergier hebben ze, ondanks het soms zware werk. nog geen minuut spijt gehad van hun keuze. “Zie het als idealisme, maar het is een fijn, rijk leven, je kunt zoveel mensen helpen.”
Wanneer
Wanneer ik ga dwalen,
Laat me dan gaan
Dwing me niet te zitten,
Laat me lopen en staan.
Wanneer ik vraag om mam,
Zeg me niet dat ze dood is
Houdt me vast, reik me de hand,
en vraag me naar haar naam.
Wanneer ik boos ben,
Wil ik geen dipiperon of haldol
Luister naar me, hoor mijn stem,
Neem de tijd, doe me eens een lol.
Wanneer ik niet meer eten wil,
Is dat niet omdat ik geen honger heb
Ik ben vergeten hoe het moet,
Help me herinneren, laat zien hoe jij dat doet.
Wanneer ik niet wil dat je me helpt,
Met wassen en kleren
Is het niet omdat ik vies wil zijn,
Maar omdat ik je aanbod ben vergeten.
Wanneer jij steeds herhaalt wat jij gaat doen,
Me waarschuwt wat er gaat gebeuren
Zonder over mijn weerstand te zeuren,
Krijg je straks misschien wel een zoen!
Wanneer jij je inleeft in mij,
Met geduld uitzoekt wat ik bedoel
Wie weet kom je er dan achter,
Hoe ik me echt voel.
Ik heb een ziekte, zoals je weet,
Alzheimer schijnt het te heten
Nu weet ik dat nog,
Morgen ben ik het alweer vergeten.
M.C. Eberhart























