
Camping in Giessenburg: uitbreiding mag toch, eigenaar blij, buur teleurgesteld
Nieuws 35 keer gelezenGiessenburg – Campingeigenaar Teus Dijksman van camping Slingeland in Giessenburg is blij met de recente uitspraak van de Rotterdamse rechtbank: hij mag twee vakantieverblijven bouwen en groeien van 25 naar 30 kampeerplaatsen.
Dijksman mag in de schuur langs de Paalweg ook tien caravans stallen. Verder kreeg hij vergunning om zijn camping in de winter open te stellen.
Gevolgen bedrijfsvoering
Buren (het gaat om bewoners van één adres) hadden bezwaar aangetekend tegen de uitbreiding. Ze gaven bij de rechter aan dat ze last hebben van verkeersdrukte, geluidsoverlast en aantasting van hun woon- en leefklimaat. Ook zijn ze bang voor de gevolgen voor hun agrarische bedrijfsvoering. Daarnaast stellen ze dat er onvoldoende onderzoek is gedaan naar bodem- en grondwaterkwaliteit.
Vergunning terecht
De rechter oordeelde vorige maand echter dat de uitbreiding van de camping past binnen het omgevingsplan en de regels voor het gebied. En dus dat de gemeente Molenlanden de vergunning terecht heeft verleend.
Dijksman vertelt dat zijn veld groot genoeg is voor dertig caravans. “Ik ben blij dat we nu die dertig plaatsen hebben. Mensen komen hier echt voor de rust. In de meivakantie was het volle bak. Overigens mochten we vorig jaar al meer kampeerders ontvangen, toen hebben we de vergunning al gekregen.”
Bouw vakantieverblijven
Dijksman hoopt dit jaar nog te starten met de bouw van twee vakantieverblijven. “Of dat lukt hangt af van de verdere vergunningsprocedure. De technische aanvraag moeten we nog regelen, we wilden eerst de uitspraak van de rechter afwachten.”
Ophouden
De Giessenburgse campingeigenaar vindt dat het ‘een keer moet ophouden met al die rechtszaken met de buren’. “Het is alleen de naaste buur, dus het is een beetje flauw dat er in het AD staat dat het om meerdere bezwaarmakers gaat: het is maar één adres. Deze mensen hebben ons al verschillende keren tot aan Raad van State toe lastiggevallen. Het is de vraag of ze dat nu weer gaan doen.”
Andere omwonenden vinden het juist leuk dat er een camping is, zodat mensen van de rust en de mooie omgeving kunnen genieten
Andere omwonenden
Hoe kijken andere omwonenden tegen de camping aan? Dijksman: “Andere omwonenden vinden het juist leuk dat er een camping is, zodat mensen van de rust en de mooie omgeving kunnen genieten. Er is geen overlast, het wordt opgeblazen. De bezwaarmakers zouden met mediation mee gaan doen. Met de gemeente, niet met ons want met ons valt niet te praten, zeggen de buren. Die mediation is nooit van de grond gekomen. Dat ligt aan de gemeente, zeggen de buren. Maar wij hebben al meerdere keren aangegeven dat we wel het gesprek met de buren willen aangaan als er echt overlast is.”
Uit het zicht
Camping Slingeland bestaat sinds 2009. Aanvankelijk stemden de huidige bezwaarmakers volgens Dijksman in met de komst van een kleine camping, als het maar uit het zicht zou zijn. “Dan zouden ze geen bezwaar indienen. Wij hebben onze camping toen op hun verzoek achter de schuur gesitueerd en moesten daarvoor opnieuw vergunning aanvragen, want we hadden al vergunning voor een camping aan de andere kant van de schuur. We begonnen met vijftien plaatsen. Sinds we uitbreiding vroegen naar 25 plaatsen, maakt dit ene echtpaar bezwaar.”
Controles
In een tweede procedure vroegen dezelfde buren de gemeente om handhavend op te treden omdat er volgens hen meer kampeerplaatsen in gebruik zijn dan vergund en omdat er permanente bewoning plaats zou vinden. Volgens de rechter bleek dat allemaal niet uit controles. Merkwaardig was wel dat een controle plaatsvond in december. Dijksman: “De gemeente kreeg toen de uitspraak van de rechter dat er gecontroleerd moest worden en heeft dat meteen letterlijk opgevat. Maar bij ons staat er een enkele keer een extra fietskampeerder; voor een klein tentje is er altijd plek. Zo’n fietser stuur ik niet door, daar heeft niemand overlast van.”
Geen permanente bewoning
Hoe komen omwonenden erbij dat er permanente bewoning zou plaatsvinden? Dijksman: “Dat weet ik niet. We hebben wel een aantal vaste gasten, die staan hier gewoon een seizoen. Tot nog toe zijn we in de winter altijd dicht geweest. Er hebben hier nooit mensen ingeschreven gestaan. Ik denk dat de bezwaarmakers het alleen suggereerden en dachten: als het per ongeluk wel klopt, dan hebben we beet.”
In beroep?
Tegen beide uitspraken van de rechter kunnen de bezwaarmakers nog in beroep gaan bij de Raad van State. De betreffende buurvrouw, die niet met haar naam in de krant wil: “De kans is aanwezig dat we naar de Raad van State stappen omdat er mogelijk fouten in de uitspraak staan. We zijn daarover nog in overleg met onze advocaat.”
Gegil en gekrijs
De buurvrouw heeft de afgelopen jaren ‘veel geluidsoverlast’ ervaren. “We horen hier gegil en gekrijs van kinderen uit de speeltuin van de camping. Wij zijn hier stilte gewend. Ook lopen campinggasten bij ons het terrein op, soms komen ze hun hond bij ons uitlaten of lopen ze de stal in om bij de koeien te kijken. Dat zorgt voor een gezondheidsrisico.”
Barbecues
Een ander probleem is stankoverlast, aldus de buurvrouw. “We ruiken het als campinggasten hun barbecue aansteken, soms zijn het er misschien wel tien tegelijk. Mensen die hier vakantie komen vieren hebben een heel ander levenspatroon dan wij. Via meneer Dijksman krijgen we nu al klachten van kampeerders. Ze hebben last van onze bedrijfsgeluiden, zoals van een shovel of trekker.”
Het is in deze omgeving normaal om koeien te melken om 6 uur ‘s ochtends. Dat gaat botsen met het patroon van mensen uit de stad
Voortbestaan bedrijf
De volwassen dochter van de buurvrouw vult aan: “Het is in deze omgeving normaal om koeien te melken om 6 uur ‘s ochtends. Dat gaat botsen met het patroon van mensen uit de stad. We hebben ook verkeersoverlast: mensen parkeren op onze oprit, zodat wij er met onze voertuigen niet langs kunnen.” De buurvrouw: “Wij vrezen voor het voortbestaan van ons bedrijf. Dat was voor ons de belangrijkste reden om bezwaar te maken.”
Afstand
De camping wordt grotendeels omgeven door weilanden. Overburen wonen ongeveer 200 meter bij de camping vandaan. Zij herkennen de klachten van de buurvrouw niet. Schuin tegenover Dijksman woont Nelleke Jansen met haar gezin. Jansen: “We wonen hier nu 9 jaar en horen soms wat kindergeluiden. Van de onenigheid tussen de overbuurvrouw en de campingeigenaar houden we ons afzijdig.”
Voor ons is de camping geen probleem. Wat we ervan merken? Heel eerlijk: eigenlijk niks
Geen last
Iets dichter bij de camping woont af en toe Sipke van Manen uit Houten. Zijn vrouw en hij hebben samen met zijn zussen een vakantiewoning aan Overslingeland. “Wij hebben geen last van de camping, maar ik zit hier slechts een klein deel van het jaar. Wel in het hoogseizoen. Voor ons is de camping geen probleem. Wat we ervan merken? Heel eerlijk: eigenlijk niks.”
Weinig luidruchtig
Volgens Van Manen is het type mensen dat naar de kleine boerencamping komt ‘over het algemeen weinig luidruchtig’. “Mijn relatie met Teus, de campingeigenaar, en met de overburen die bezwaar maken is goed. Ik weet wel dat ze ruzie hebben met elkaar.”
Logisch
Dat overburen de klachten niet herkennen vindt de bezwaarmaakster logisch, gezien de afstand. “Maar onze percelen grenzen direct aan de camping.”
Juridisch geschil
Verder schrijft de bezwaarmaakster: “Wij herkennen ons nadrukkelijk niet in het door de campinghouders geschetste beeld. Dat is hun interpretatie van de situatie; wij hebben een andere visie op de gang van zaken. Van een persoonlijke ruzie is wat ons betreft geen sprake. Het gaat hier om een juridisch geschil met de gemeente dat uiteindelijk door een rechter beoordeeld dient te worden.”
Deze kwestie laat nogmaals zien hoe belangrijk participatie voorafgaand aan vergunningverlening is
Problemen
Namens haar familie laat de buurvrouw verder weten: “Overigens willen wij benadrukken dat de campinghouders zelf bewust voor deze locatie hebben gekozen. Zij waren destijds agrariërs en waren zich ervan bewust (of hadden zich ervan bewust kunnen zijn) dat deze locatie op korte afstand van ons bedrijf problemen zou kunnen opleveren bij eventuele uitbreiding.”
Geen participatie
De buurvrouw sluit haar mail af met haar conclusie: “Deze kwestie laat nogmaals zien hoe belangrijk participatie voorafgaand aan vergunningverlening is. Van enige participatie is in dit geval geen sprake geweest — niet door de campinghouders, maar ook niet door de gemeente. Wij hebben via de krant moeten vernemen dat er een vergunning was verleend. Wanneer wij vooraf tijdig waren betrokken, had mogelijk gezamenlijk naar oplossingen gezocht kunnen worden.”




















