
Vogelgriep in Streefkerk: ‘Van de eerste signalen tot de kippen dood zijn, is een kwestie van uren’
Nieuws 10.956 keer gelezenStreefkerk - Vogelgriep: Jeannette en Jan Dirk Slingerland hadden het gevaar van deze ziekte de afgelopen maanden voortdurend voor ogen. Vrijdag bleek de gevreesde en zeer besmettelijke ziekte ook hun boerderij in Streefkerk te raken. In nog geen 24 uur ging het van het zien van de eerste signalen tot het volledig ruimen van hun 16.000 kippen.
Vrijdagochtend stapt Jeannette de stal binnen. De schrik slaat haar om het hart. Enkele dode hennen, terwijl andere duidelijk ziek ogen. Een afdeling verder zijn er nog meer dode en zieke kippen. De alarmbellen gaan af: de vogelgriep is mogelijk op onze boerderij. “Ik heb Jan Dirk gebeld. Die zag ook meteen dat het mis was.”
Duidelijk zichtbaar is dat de besmetting via de lucht ontstaan is. De dode en zieke dieren bevinden zich in de baan van de luchtstroom die door de ventilatie wordt veroorzaakt. “Het laat zien hoe besmettelijk het is. Daarnaast gaat het razendsnel. Van de eerste signalen van de vogelgriep totdat de kippen dood zijn, is een kwestie van uren.”
Geen twijfel
Ze volgen het protocol en seinen de dierenarts in. Die staat samen met collega’s van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en de GGD binnen een uur in de stal. Hun testen laten er geen twijfel over bestaan: het is vogelgriep. “In een laboratorium in Lelystad onderzochten ze het voor de zekerheid ook nog. Maar ‘s avonds om half elf kwam het definitieve bericht.”
De volgende ochtend start het daadwerkelijke ruimen van de 16.000 kippen. “Of dat moeilijk was? We hadden vrijdag gezien hoe ziek ze waren, dus we wisten dat dit het beste was. Je wilt er dan het liefst zo snel mogelijk doorheen. Wat zaterdag wel lastig was om al die eieren, waar we het tenslotte voor doen, weg te moeten gooien.”
Over de aanpak van de NVWA bij deze ingrijpende operatie zijn ze lovend. “Er was voortdurend aandacht voor ons, ze vroegen ons regelmatig hoe het met ons ging.”
Barneveld
Spannend is nu met name of het volgende koppel hennen - na een jaar en drie maanden gaan de kippen van de boerderij naar de slacht - kan komen. “Die bevindt zich al in Barneveld. De bedoeling was dat de nieuwe kippen in februari zouden komen. Dat kan wat betreft de termijn van drie maanden, maar als er vogelgriep komt in Barneveld, mogen ze niet naar Streefkerk vervoerd worden.”
Of ze anders gaan werken om een nieuwe uitbraak van vogelgriep te voorkomen? Over het antwoord daarop hoeven ze niet na te denken. “We hebben álle voorzorgsmaatregelen genomen die er zijn. Als zo’n virus door de lucht komt kun je het niet tegenhouden.”
Dode watervogels eerder opruimen
Jan Dirk en Jeannette roepen wel op om de vele dode watervogels in de streek eerder op te ruimen. “Die blijven nu te lang liggen en maken het risico op besmetting veel groter. En als je kijkt naar bijvoorbeeld de veel te grote populatie van ganzen in de Alblasserwaard: we geven nu tonnen uit aan het vergoeden van begrazingsschade. Het zou beter zijn daar een goed jachtbeleid op te zetten. Dat verkleint eveneens het risico op besmetting. Ook moeten hobbyhouders gehoor geven aan de landelijke ophokplicht om de verspreiding van het virus tegen te gaan.”
‘Je kunt besmetting niet altijd voorkomen’
Uit een reactie op de oproep om met name ganzen meer te bejagen blijkt dat jagers in de Alblasserwaard daar genuanceerd over denken.
“Ganzen, maar ook smienten, zijn hier in grote aantallen en mogen van 1 november tot 1 maart niet bejaagd worden”, stelt één van hen. “Ze hebben praktisch geen natuurlijke vijanden, dus het zijn er veel te veel. Met een goed jachtbeleid kun je het risico op besmetting terugbrengen. Maar het kan ook schade voor boeren verminderen, waar nu in Nederland vele miljoenen (in Zuid-Holland was de vergoeding voor wildschade in 2024 alleen al ruim 11 miljoen euro, red.) naar toe gaan.”
Een tweede jager twijfelt aan het nut van grootschalige afschot. “Het doden van dieren is niet altijd de gehele oplossing. Grote aantallen watervogels dragen het virus met zich mee en gaan er niet dood aan. Je kunt, ook al verminder je de aantallen door jacht, besmetting niet altijd voorkomen. Dan is lokaal maatwerk, het bejagen van de vele watervogels misschien wel net zo effectief. Maar dat mogen wij momenteel nog niet.”






















