
Zorg en wonen: hoe woningcorporatie KleurrijkWonen bijdraagt aan toekomstbestendige zorg
Nieuws 1.237 keer gelezenVIJFHEERENLANDEN • Eerder dit jaar heeft Het Kontakt al bericht over enkele maatregelen die gemeente, zorgverlener RIVAS, en Stichting Bindkracht inzetten om zorg toekomst bestendig te maken. Tijd om Tjapko van Dalen, bestuurder van KleurrijkWonen te vragen: ‘Wat moeten of kunnen woningcorporaties doen om de zorg houdbaar te maken?’
Dagelijks valt er in de media lezen dat de zorg in Nederland zoals die nu wordt verleend, mede door de vergrijzing, het duurder worden van zorg en steeds minder personeel in de zorg, volstrekt onhoudbaar is. Maar wat kunnen of moeten zorginstellingen, gemeenten, instanties of woningcorporaties doen om de zorg ook in de toekomst te kunnen garanderen? Hierbij afvragend welke investeringen er nodig zijn om ouderen en zorgvragers langer zelfstandig te laten wonen.
Goede toegankelijkheid
Van Dalen: “Wij doen al best veel. Tachtig procent van de nieuwbouw is levensloopbestendig. Dit wil zeggen: geen drempels in de woning, ruime badkamers zodat hulpverleners de mensen goed en snel kunnen helpen en goede toegankelijkheid van de woningen zodat hulpverleners niet te veel tijd kwijt zijn om in de woning te komen.”
“En dan moet je niet alleen denken aan appartementsgebouwen, ook bouwen wij grondgebonden woningen met op de benedenverdieping een slaap- en badkamer. Dit is bewust beleid van ons. Want door de ervaringen van mijn moeder die in een verzorgingstehuis kwam te wonen, heb ik geleerd wat een goede connectie zou moeten zijn tussen zorg en wonen.”
Projecten
KleurrijkWonen bouwde in voorgaande jaren al een aantal zorg- en wonen projecten. Van Dalen: “Denk hierbij maar aan de zorgappartementen op het Meesplein in Leerdam en een aantal huurappartementen in het Emmahuis. Hier liggen wonen en zorg echt dicht bij elkaar.” Ook geeft hij aan dat KleurrijkWonen samen met zorgverleners intensief overlegt over wat er nodig is in de woningen om ouderen langer zelfstandig te laten wonen.
Verder wijst Van Dalen er op dat huurders van KleurrijkWonen vanaf 70 jaar punten krijgen. Die punten mogen zij gebruiken om voorzieningen zoals beugels in badkamer of toilet gratis door KleurrijkWonen te laten plaatsen.
Clusteren
Van Dalen: “Soms kan het gaan om kleine dingen die nodig zijn om langer zelfstandig te kunnen wonen. Ook zetten wij ons in om complexen, waar zorgverleners de zorg verlenen, te clusteren. Dit betekent dat je ouderen, waarvan je weet zij in de toekomst een zorgvraag hebben, meer bij elkaar laat wonen. Zo kun je, doordat de zorgverlener minder reisafstanden heeft, meer zorg verlenen. Want individuele zorg verlenen is niet vol te houden door het personeelstekort. Maar eigenlijk gebeurt dit clusteren al, want zag je jaren geleden soms negen of meer auto’s van zorgverleners door een wijk rijden, zijn dit er nu soms nog maar drie.”
Eigen verantwoordelijkheid
Van Dalen vervolgt: “En natuurlijk is ook investeren in welzijn belangrijk. Hierbij wordt gekeken naar wat er op wijkniveau nodig is. Maar, niet alleen ligt de verantwoordelijkheid of de zorg in de toekomst houdbaar is bij gemeenten, instellingen of woningcorporaties. Ook de mensen hebben zelf een stukje verantwoording over hun eigen welzijn en goed leven.”
“Zo moeten mensen zich er meer van bewust worden dat zij op tijd stappen ondernemen om zelfstandig te kunnen blijven wonen. Niet te lang in een te groot huis met trappen blijven wonen, waardoor er soms ongelukken gebeuren of mensen de trap niet meer op kunnen. Mensen zouden, wanneer zij ouder worden, eens moeten overwegen of verhuizen naar een appartement of kleinere gelijkvloerse eengezinswoning niet meer in hun eigen belang zou zijn.”
Hij vervolgt: “Om mensen hierbij te ondersteunen hebben wij binnen KleurrijkWonen woonconsulenten die hen kunnen helpen. Ook hebben wij al jaren geleden een doorstroomproject opgestart waardoor huurders met behoud van de eigen huidige huur kunnen doorstromen naar een nieuwe woning. Door samen te werken en oplossingen te bedenken, kunnen wij er met zijn allen voor zorgen dat zorg ook in de toekomst houdbaar blijft.”
Mimi van Rossem





















