Logo hetkontakt.nl/vijfheerenlanden
<p>Pippa oefent een gebaar.</p>

Pippa oefent een gebaar.

(Foto: Levien Vermeer)

Amanda Christerius: ‘Gebaren geven stem aan jong en oud’

  •   keer gelezen

VIANEN • Volgens docent baby- en kindergebaren Amanda Christerius neemt je jonge kind je, door te gebaren, mee in zijn of haar belevingswereld.

Amanda (33) begon ooit als onderwijsassistent, maar toen ze kennis maakte met de opleiding tot docent baby- en kindergebaren vond ze haar passie. “Ik heb dyslexie en beelddenken ligt me daarom al heel erg.” 

Nu hangen er door het hele huis posters met gebaren en zet ze haar drie dochters af en toe voor het gebarenprogramma van Lotte & Max op YouTube. Zijn haar kinderen dan doof? “Nee hoor, onze drie meiden van 7, 5 en anderhalf jaar zijn horend, maar daar gaat het niet om.” 

Ze legt uit: “Het is vooral leuk en ook handig. Toen mijn dochters een programma over de seizoenen bij Lotte & Max hadden gezien werd dat ‘platte’ begrip heel concreet gemaakt door middel van gebaren voor bijvoorbeeld zon, regen en vallende blaadjes.”

Woordenschat
Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat het kind door de combinatie van spreken en gebaren beter verbanden kan leggen, veel sneller woorden leert, en de woordenschat vergroot, vertelt Amanda.

“Pippa, onze jongste van achttien maanden heeft al een behoorlijke actieve woordenschat verzameld, zonder gebarenondersteuning begint dat pas op latere leeftijd.”

Ze merkt ook dat wanneer letters met gebaren ondersteund worden, haar oudere kinderen die beter en sneller kunnen lezen. Ook helpt gebarentaal in de onderlinge communicatie tussen de zusjes. 

“Toen Pippa één van de twee gebeten had, gebaarde die dat dat zeer deed, en dat ze moest huilen. En vervolgens maakte ze het gebaar dat Pippa dat niet meer mocht doen. Zo worden kleine ruzietjes onderling opgelost.”

Brabbelen en fladderen
“Vanaf de geboorte kun je in principe al gebaren maken met je kind. Een baby kan onze gesproken taal vanaf zo’n zes maanden begrijpen, maar vanaf acht maanden beschikt het over de motorische vaardigheid om een gebaar na te doen.”

Iedere ouder gebaart trouwens automatisch, zoals door te zwaaien, of de armen naar het kind uit te strekken bij wijze van uitnodiging ‘kom bij papa of mama’. Een kind kopieert deze gebaren en maakt zo kenbaar wat het bedoelt of wil. “Maar waar praten begint met brabbelen, begint gebaren met fladderen”, lacht Amanda. 

“In het begin maakte Pippa voor ieder dier het gebaar ‘poes’, en iedere persoon was ‘papa’.” Een ouder moet dus alert zijn op de mogelijke betekenis en heeft een creatieve blik nodig, gaat ze verder. “Zo maakte Pippa op een keer de gebaren voor ‘koe’ en ‘vliegen’, terwijl ze naar buiten wees. Ik probeerde haar te volgen, tot ik een duif in de tuin zag, en begreep wat ze bedoelde.” 

Een andere keer liep Amanda met Pippa te wandelen toen ze haar het gebaar voor ‘muziek’ zag maken: ze bewoog met haar vingertje heen en weer. “Door haar gebaar realiseerde ik me dat ik de kerkklok hoorde luiden.” 

En ze concludeert: “Met gebaren neemt je jonge kind je mee in zijn of haar belevingswereld.” 

Officiële gebarentaal
Voor een horende ouder maakt het niet veel uit welke gebaren gebruikt worden voor het horende kind. Maar voor gebarentaalgebruikers is dat wel het geval. Daarom maakt een gebarenstemdocent gebruik van de Nederlandse Gebarentaal.

“Zo kunnen we samen een brug slaan naar gebarentaalgebruikers en actief bijdragen aan een meer geïntegreerde samenleving”, verklaart Amanda. Ze hoopt op meer bekendheid over de mogelijkheden van gebarentaal voor horende kinderen en biedt allerlei cursussen aan. 

Ze benadrukt nog eens: “Het scheelt veel frustratie en geeft veel meer rust, als je je peuter door gebarentaal beter begrijpt.” 

Schrijven over dit onderwerp werkt trouwens aanstekelijk, want ik betrap mezelf er na het interview op dat ik telkens denk: welk gebaar zou daarbij horen?

Meer informatie: https://gebarenstem.nl/specialist/amanda-christerius-kooijman/.

Levien Vermeer
Ontvang 'm elke week gratis > Meer berichten