Karin Teuben legt 250 kilometer lange woestijntocht af

  •   559 keer gelezen
Foto: Aangeleverd

EVERDINGEN • Karin Teuben (28) deed onlangs met succes mee aan de Gobi March in Mongolië. 'Het was in een woord fantastisch'.

In een week tijd legde ze 250 kilometer af tijdens een loodzware woestijntocht. De geweldige ervaring is de reden om nu al te mikken op de ultieme uitdaging: deelname in 2020 aan de tocht door 'The last Desert': Antarctica. Karin Teuben – tot voor kort woonachtig in Everdingen – werd jaren geleden gegrepen door het 'loopvirus'. Op haar vijftiende deed ze voor het eerst mee aan de Vierdaagse in Nijmegen. Inmiddels deed ze negen keer mee aan het nationale wandelevenement. In 2010 ontmoette ze tijdens de Vierdaagse een Britse militair die haar vertelde over the Four Deserts - de tocht door vier woestijnen. "Ik zal nooit de blik in zijn ogen vergeten toen hij vertelde over zijn avonturen. Pure passie." Ze wist toen al zeker: "Ooit zal ik ook zo'n race lopen."

Haar voornemen werd werkelijkheid. In 2015 deed ze mee aan de tocht door de Atacamawoestijn in Chili, twee jaar later bedwong ze de woestijn van Namibië, deze zomer was de Gobi-woestijn aan de beurt. Alle tochten liep ze met haar oom René de Klein (55). "Hij is meer een vriend dan een oom. Je kunt zo'n beproeving beter als vrienden doorstaan dan als oom en nichtje." Karin komt woorden tekort voor haar ervaringen tijdens de woestijntochten, georganiseerd door de organisatie 'Racing the Planet - 4 Deserts'. "Het is in een woord fantastisch. Dat is ook de reden om steeds weer mee te doen. De natuur is onwaarschijnlijk mooi. Elke woestijn is anders. Het zijn plaatsen waar je anders nooit komt. Bovendien ga je in gevecht met jezelf. Je verlegt steeds je grenzen."

De eerste drie dagen moest er in de Gobi-woestijn zo'n 40 tot 50 kilometer worden afgelegd. Midden in de week was er een helse 'kuitenbijter' van pakweg 70 kilometer gepland, de slotdag was een 'ererondje' van een kilometer of tien. "We eindigden in Karakorum waar ooit de Mongoolse heerser Dzjengis Khan zijn paleis had. Dat was indrukwekkend." In totaal deden aan de tocht 233 lopers mee, daarvan haalden 215 de eindstreep. "Er waren dit keer heel weinig uitvallers." Deelname is niet zonder gevaar, niet vanwege de eventuele aanwezigheid van wilde dieren of rondzwervende stammen, wél door de extreme omstandigheden en de inspanningen waaraan het lichaam wordt blootgesteld. "Het kan extreem warm zijn. In Namibië werd het meer dan 50 graden, in de Atacamawoestijn was het tussen de 40 en 45 graden. Je kunt onwel raken. Daarom moet je fit zijn en goed weten wat je doet."

De organisatie zorgt onderweg voor check-points, patrouilleert langs het parcours én zorgt voor water, artsen en een bivak voor de nacht. "Maar verder ben je self-supporting: je neemt je eigen slaapmatje en slaapzak, kleding, EHBO-spullen en voedsel mee. Alles moet mee in een rugzak, maar die mag niet meer wegen dan tien kilo anders krijg je onderweg last van het gewicht. Daarom moet je goed nadenken wat je meeneemt. Goede voeding met veel calorieën is belangrijk: instant noedels als ontbijt, sport- en notenrepen met veel energie voor onderweg en gevriesdroogde maaltijden voor 's avonds in het kamp. Onderweg moet je goed eten en heel veel drinken. Zolang je waterhuishouding op orde is, red je het. Vermoeidheid en pijn in je knieën en hamstrings - door het dalen - kun je doorstaan, als je niet meer drinkt en plast krijg je problemen. Tachtig procent van de tocht loop je met je 'hoofd', je moet weten wat je doet. Daarnaast moet je lang op je benen kunnen staan, vanwege de rugzak een sterke rug en buikspieren hebben en om kunnen gaan met onverwachte gebeurtenissen. En zorgen dat je zoveel mogelijk slaapt. Na het avondeten, gaat iedereen zo snel mogelijk liggen. Alleen al om je voeten niet onnodig te belasten. Halverwege de avond ligt iedereen in bed. Tot de andere morgen 6:00 uur. Meestal gingen we rond 8:00 uur weer op pad." Extra handicap is dat gedurende de week douchen vaak onmogelijk is. "Je komt maar zelden een rivier tegen. Daarom moet je vooraf goed nadenken over je persoonlijke hygiëne. Je hebt extra ondergoed en sokken nodig. Verder loop je de hele week in dezelfde kleren. Er is geen ruimte voor een extra shirt of broek. Dus ga je stinken, maar dat doet iedereen."

De natuur is ongekend fraai, maar ook de contacten met andere mensen maakten indruk. "We ontmoetten op de dag dat we de langste afstand van 70 kilometer liepen een paar nomadenkinderen. Ze kwamen zwaaiend en lachend de heuvel afrennen om ons te begroeten en aan te moedigen. We hadden een paar snickers bij ons en die gaven we aan die kinderen. De chocolade hoorde bij ons 'eetplan', maar we vonden het zo gaaf om die kinderen te ontmoeten. Je mist die calorieën, maar je loopt verder op de adrenaline van zo'n ontmoeting. Op de voorlaatste dag duurde het erg lang voor een oudere Zweed binnenkwam. Toen hij het kamp naderde, hebben we hem met de Zweedse vlag en veel gejuich binnen gehaald. Mede door die steun haalde hij de volgende dag de finish. 's Avonds bij het kampvuur zitten alle deelnemers - ondanks alle politieke spanningen tussen hun landen - broederlijk naast elkaar. De saamhorigheid tussen deelnemers, organisatie en vrijwilligers is groot. Je maakt vrienden voor het leven."

Inmiddels is Karin weer thuis in Zoelen. Een paar kilo lichter - 'je verbruikt per dag 4.000 tot 5.000 calorieën, daar kun je niet tegen op eten' - maar met een schat aan dierbare herinneringen. En het vaste voornemen over twee jaar ook de vierde tocht te lopen. "Voor elke tocht krijg je een medaille. Ik wil het setje compleet maken." Meer informatie over de tochten en de fondswerving - deelname kost vanwege de omvangrijke organisatie een fors inschrijfgeld - is te vinden op haar website www.kr4deserts.com.        

Janneke Kok
Redactiecoördinator van Het Kontakt Leerdam en Het Kontakt Vianen
Volg @JannekeKok op twitter >
Elke donderdag het Vianen per e-mail
Meer berichten
 

HET KONTAKT OP FACEBOOK }