Alle auteurs van het 20ste jaarboek van Tabula Batavorum bijeen, afgelopen vrijdag in 't Veerhuis te Opheusden. Het thema 'Heen en weer' gaat over verkeer en vervoer. (Foto's: Martin Brink/DPG Media)
Alle auteurs van het 20ste jaarboek van Tabula Batavorum bijeen, afgelopen vrijdag in 't Veerhuis te Opheusden. Het thema 'Heen en weer' gaat over verkeer en vervoer. (Foto's: Martin Brink/DPG Media) (Foto: )

Jaarboek Tabula Batavorum belicht verkeer en vervoer in de Betuwe

  •   keer gelezen

Opheusden/regio - ‘’Vervoer is in ons rivierengebied altijd heel belangrijk geweest. En het zal niemand verbazen dat daar veel water bij komt kijken. Ook de bus speelde een grote rol in het vervoer van en naar de Betuwe. Ook de Betuweroute wordt in dit nieuwe jaarboek beschreven.’’


Door Martin Brink

Emile Smit, Tielenaar en voorzitter van de stichting Tabula Batavorum, presenteerde vrijdagmiddag in ‘t Veerhuis in Opheusden de alweer twintigste uitgave van het stichtingsjaarboek, dat steeds onder de naam Terugblik verschijnt.
In de stichting werken niet minder dan tien heemkundige kringen uit de Betuwe met elkaar samen. De laatste die zich aansloot is die van Bemmel. Schrijvers uit die historische kringen, elk met hun eigen specialiteit, laten hun licht schijnen op het onderwerp.
Tezamen zorgden voor een kloeke uitgave van niet minder dan 250 pagina’s met als actueel onderwerp: ‘Heen en Weer. Verkeer en vervoer in de Betuwe door de eeuwen heen’. En dat is al duidelijk op de omslag te zien. Daarop prijkt een deel van een schilderij van de veerpont naar Rhenen, met op de achtergrond de Cuneratoren.
Het is een schilderij uit 1908 van Ferdinand Hart Nibberig. Vervoer over het water dus, zoals voorzitter Smit het in zijn inleiding over had.

Oude weg Tiel

Hij is zelf één van de vijftien auteurs die voor een diversiteit aan onderwerpen zorgen. Samen met stadgenoot Angelika Niemandsverdriet maakte hij een verhaal over de weg van en naar Tiel tussen 1776 en 1882. Maar er zijn ook verhalen over het Gentsche Veer, het Looveer bij Huissen en het reizen per stoomboot in de westelijke Tielerwaard tussen 1921 en 1988. Liefhebbers van het tramwezen komen helemaal aan hun trekken in het verhaal van Maria Loonen die de opkomst en ondergang van de Betuwse stoomtram heeft gevolgd en beschreven. En het kan niet missen: de ontwikkelingen van de spoorwegen in het Betuwse komen ook uitvoerig aan de orde. Verrassend is ook het onderwerp dat door John Mulder wordt aangedragen: het Staatse leger door de Betuwe en over de Waal op weg om Nijmegen te belegeren. Ook hierin komt ‘verkeer en vervoer’ terug.

Remmerden

Het zijn auteurs uit Gelderland die onderzoek hebben gedaan, alvorens ze met hun verhaal komen. Misschien een ietwat vreemde eend in de bijt is al jaren Willem (Pim) H. Strous uit Rhenen, een bekende geschiedschrijver uit deze stad. Hij vertelt over de Verhuizensestraat en het Verhuizense veer in Ingen. Hij komt met de stelling dat er een veer lag bij deze nog steeds bestaande en eeuwenoude straat.
Een weg die naar de overkant naar Remmerden bij Rhenen voerde. ‘’Daar waren van de zomer opgravingen. Ik heb gevraagd of ze extra wilde letten op wat ze zouden aantreffen. Dat zouden ze doen. Helaas is juist dat stuk waarin ik interesse had, niet afgegraven.’’ Het is overigens niet zo vreemd dat Strous een trouwe schrijver is. ‘’Ik houd mij alleen bezig met Ingen en omgeving. Mijn vrouw komt daar vandaan.’’

Andere gebieden

Kobus van Ingen, Betuws historicus en secretaris van de stichting, heeft als specialiteit veren en overvaren. Daar gaat zijn verhaal ook over. Hij laat verder weten dat de publicatie ook andere gebieden raakt. Zo komt bijvoorbeeld de Utrechtse plaats Veenendaal er regelmatig in voor vanwege het vervoer van en naar de fabrieken aldaar. Er was, heel bijzonder, een directe treinverbinding voor de oorlog. Toen de brug er in 1957 kwam ging het makkelijker. Nog steeds wonen veel Betuwse families in deze plaats. Later openden die bedrijven vestigingen in de Betuwe.’’

Oorlog

Het onderwerp voor het boek van 2020 kon ook worden onthuld. Emilie Smit: ‘’Dat wordt de oorlog. Daar komen er niet onderuit met de 75-jarige herdenking. Maar nu geen militair verhaal maar hoe de burger die bezetting heeft beleefd.’’
Hij gaf een schrijnend voorbeeld, een verhaal dat hij kortgeleden voor een schoolklas vertelde. ‘’De 23-jarige Alie Keijman woonde bij de Tielse haven. Zij had een zoontje van 4 jaar.
Op 12 oktober 1944 speelde haar zoontje buiten. Ze wilde hem binnenhalen omdat de geallieerden aan de overkant van de rivier de Duitse stellingen bestookten. Alie zat midden in het schootsveld. Ze werd getroffen. Navrant is dat haar resten in een mand op een bakfiets naar de begrafenisondernemer werden gebracht.’’ De nieuwe publicatie is voor 19 euro verkrijgbaar in de plaatselijke boekhandel. De oplage is rond de 1500 stuks.

Ontvang 'm elke week gratis > Meer berichten
 

Agenda

Organiseert u een evenement?
Laat het ons weten!

Klik hier