
Na 32 jaar filmen zwijgt de camera
Wamel – Na 32 jaar zet de nationaal vermaarde cineast Jos Kruisbergen (78) een punt achter zijn actieve filmwerk. De wijze waarop hij het dagelijks leven in regio Rivierenland vastlegde, wordt door kenners omschreven als ‘eerlijk, betrokken en met oog voor de mens achter het verhaal.’ Hij filmde vooral in Land van Maas en Waal en de Betuwe.
De warrige bos met krullen, rijzige gestalte en expressieve manier van vertellen maken Kruisbergen tot een markante persoonlijkheid. Zijn films getuigen van veel interesse in de medemens. In 32 jaar tijd maakte hij meer dan honderd documentaires en ruim zevenhonderd reportages. Veel aan de Wamelse kant maar ook aan ‘de overkant’. Zo maakte hij een historische documentaire over de executie van veertien Wamelnaren bij de Walmuur in Tiel, over het Fruitcorso, over de aanleg van de Betuweroute waarbij actievoerders zich in beton vastzetten in Meteren terwijl de ME een balletje aan het trappen was, over het vaak angstige hoogwater van de rivier de Waal en over het pontje Hendrikus waar veerman Jan van Schijndel bij extreem hoge én lage waterstanden de mensen overzette tussen Tiel en Wamel. Vastgelegd werden ook de ijsgang op de Nederrijn en de honderdjarige dirigent A.C. van Leeuwen in Ingen van muziekvereniging Kunst na Arbeid.
Zijn werk bleef ook niet onopgemerkt bij tv-persoonlijkheden. RTL-icoon Henny de Vos noemde hem ‘de Bert Haanstra van Wamel’. Ook Gijs Stappershoef, pionier van de Nederlandse televisie, schaarde Jos Kruisbergen in het rijtje van grote documentairemakers als Joris Ivens en Leni Riefenstahl. Zelf bleef hij daar altijd bescheiden onder.
Eigen regie
Nu komt er een einde aan deze mooie loopbaan. Jos: “Na de première van de film van de watersnood van 1926 begon iedereen aan me te trekken. Toen vond ik het genoeg.” Als geen ander weet hij welke impact bepaalde verwachtingen en het verliezen van de eigen regie kunnen hebben.
De carrière van Jos Kruisbergen begon namelijk wonderlijk genoeg met een burn-out, midden jaren tachtig. “Ik had alleen maar slagersvakschool en dus ging ik met de slagerszaak verder toen mijn vader plots was overleden. Totdat er van de ene op de andere dag iets knapte bij hem. 'Ik was opgebrand en werd arbeidsongeschikt verklaard. Een psycholoog vroeg of ik hobby’s had en omdat ik toen al graag filmde, ging ik dat maar doen.”
Deze bijna achteloos genomen beslissing blijkt hét keerpunt te zijn in zijn professionele leven en het begin van een ongekend mooie carrière.
Vrijwilliger
Wat velen niet weten, is dat Jos Kruisbergen al zijn filmwerk als vrijwilliger verrichtte. De inkomsten uit producties voor onder meer NOS en RTL stortte hij volledig in de kas van Tweestromenland in Beeld en Geluid. In totaal ging het om 560.000 gulden, een bedrag dat van levensbelang was voor het voortbestaan van de stichting. Zonder die bijdrage zou het werk al lang zijn stilgevallen, zegt hij.
Hij loopt in zijn ‘filmdomein’ met veel technische apparatuur naar een van de kasten en vertelt dat hij ook op andere manieren de kosten wist te drukken. “Van Jan Dijk van de NOS kreeg ik een enorme hoeveelheid professionele videobanden die slechts één keer waren gebruikt. Tape was toen een kostbaar product en daarmee heb ik al mijn documentaire-werk kunnen doen zonder al te veel kosten”, zegt hij terwijl hij de banden laat zien.
Zijn droom
‘Ik zou het mooi vinden als iedereen gratis naar mijn films kan komen kijken.‘
Inmiddels heeft hij Tweestromenland voortgezet als de Jos Kruisbergen Stichting. Die beheert het omvangrijke filmarchief en houdt het toegankelijk. De films worden nog dagelijks bekeken door scholen, universiteiten, waterschappen en zorginstellingen, waaronder Alzheimer-cafés. Jos legt uit wat zijn droom is: “Dat een rijk persoon langs komt en geld steekt in de stichting, zodat generaties na mij in een filmhuis in de Betuwe en in Maas en Waal gratis naar een film kunnen kijken in geschikte filmzalen. Of ze nou veel of weinig geld hebben, ik zou het mooi vinden als iedereen zonder toegang te betalen mijn film kan komen kijken.”
Terugkijkend op al die jaren kijkend door de lens naar het Rivierengebied met al zijn unieke bewoners, gewoontes, al het lief en leed, zegt Jos vrijwel meteen: “Ik heb het nooit alleen kunnen doen. Ik heb een fanatische groep vrijwilligers om me heen gehad in die 32 jaar.”
Zinloos geweld
In al die jaren is veel de revue gepasseerd. Een onderwerp dat hem erg raakte, was de door zinloos geweld omgekomen Erik Jan den Haan die werd geraakt door een verdwaalde kogel. En de indrukwekkende stille tocht door Tiel die daarop volgde. “Er waren televisieploegen die niet meer bij de familie den Haan mochten komen maar ik was er altijd welkom om er een verhaal over te maken. Voor die mensen heb ik groot respect. Hoe ze het land ingingen om te vertellen over zinloos geweld.”
Zijn manier van filmen was atypisch voor Hilversum indertijd. ‘Ik was de eerste die alles zelf deed: camera bedienen, geluid verzorgen en monteren,” legt hij uit. De man uit Wamel wilde ook geen voorgesprekken houden. “Dat leverde wel eens frictie op totdat ook regisseurs zagen dat je zonder het voor te koken een veel natuurlijker beeld krijgt van iemand.”
Is hij dan nu echt helemaal klaar met dit mooie vak waarmee hij nationale roem verwierf en mooie quotes en beelden kon onttrekken aan de vergetelheid? Het antwoord is nee, want: “Ik moet nog tien jaar monteren.”