
‘Vertel es’, voor taal en ontmoeting
Martijn Kuiler
Gouda/Gouderak - Elke donderdagavond schuift Pita Schimmelpenninck van der Oije achter haar laptop voor een vast ritueel: het online taalcafé Vertel es. Vanuit haar woonplaats Gouderak brengt ze mensen samen om Nederlands te spreken — en vooral om elkaar te ontmoeten.
Pita is inmiddels drie jaar gespreksleider van wat is uitgegroeid tot een hechte, informele groep. Via videobelplatform Zoom loggen wekelijks vijf tot tien deelnemers in. Ze wonen verspreid door het land, maar delen hetzelfde doel: de taal beter leren spreken en nieuwe contacten opdoen. “Dat lukt. Elke week weer.”
Pita’s groep ‘regio Gouda’ is één van de 55 Vertel es-groepen in het land. Het initiatief ontstond in de coronatijd en wordt niet georganiseerd vanuit een bibliotheek of gemeente, maar draait volledig op particuliere inzet. De deelnemers vormen een diverse mix: van nieuwkomers die gevlucht zijn voor oorlog of onderdrukking tot expats en studenten. “Juist die diversiteit zorgt voor bijzondere gesprekken en nieuwe inzichten. Iedereen spreekt meerdere talen, en dat levert vaak mooie uitdrukkingen en verrassende woorden op — ook in het Nederlands.”
Het taalcafé is nadrukkelijk geen les. Er is geen docent, geen huiswerk en geen vast programma. “Het is gewoon een plek waar je in een ontspannen sfeer kunt praten”, legt Pita uit. Gesprekken gaan over het alledaagse, zoals iemands week of Nederlandse gewoontes, maar net zo goed over thema’s als kunst, perfectionisme of plankenkoorts. “Die afwisseling maakt het leuk.” De gesprekken zijn vaak open en persoonlijk. Er wordt gelachen, maar er is ook ruimte voor grotere verhalen. Af en toe schuift een Nederlandse moedertaalspreker aan, soms een gast met specifieke kennis over een onderwerp. “Wat opvalt, is het enthousiasme.”
Voor deelnemers betekent Vertel es meer dan alleen taal oefenen. Het helpt hen zich sneller thuis te voelen. Door te praten leren ze niet alleen de taal, maar ook de cultuur kennen — en bouwen ze een netwerk op. “Mensen voelen zich minder alleen en durven makkelijker contact te leggen.” Ook voor Nederlandse deelnemers en gespreksleiders is het waardevol. “Het is een kans om uit je eigen bubbel te stappen en andere perspectieven te leren kennen. Dat maakt het voor iedereen verrijkend.”
Opvallend is dat Vertel es geen officiële organisatie is. Geen stichting, geen subsidie, geen verplichtingen. “Het is gewoon een groep mensen die interesse heeft in taal en in elkaar”, zegt Pita. “Zonder hiërarchie of ‘wij helpen jullie’-gevoel.” Deelnemers hebben wel een basisniveau Nederlands nodig, minimaal B1. Het draait om spreektaal oefenen: niet zinnen uit een lesboek, maar dagelijks Nederlands. “Je leert het beste als je er plezier in hebt.” Soms nemen deelnemers afscheid, bijvoorbeeld als ze een baan vinden en minder tijd hebben. “Dat is jammer, maar ook mooi. Het betekent dat ze stappen hebben gezet.” Tegelijk ontstaat er zo ruimte voor nieuwe mensen.
Voor de toekomst hoopt Pita op meer deelnemers én gespreksleiders uit de regio Gouda, zodat er ook buiten het scherm activiteiten kunnen ontstaan, zoals gezamenlijke wandelingen. Wie in de regio Gouda woont, minimaal taalniveau B1 heeft en wil meedoen, kan zich aanmelden via vertelesgouda@gmail.com. Het taalcafé Gouda vindt elke donderdag plaats van 19.30 tot 21.00 uur. Meer informatie staat op www.vertel-es.nl.