Enkele woningen aan de Ruigenhil, deels bewoond en deels dichtgetimmerd.
Enkele woningen aan de Ruigenhil, deels bewoond en deels dichtgetimmerd. Foto: Geurt Mouthaan

Irritatie bij wethouder De Gier, omdat bewoners Ruigenhil hun onvrede delen met de pers en de gemeenteraad

Nieuws

Alblasserdam - Bewoners van de Ruigenhil in Alblasserdam die hun onvrede over de manier waarop de gemeente met hen omgaat op tafel brengen bij de raad en de pers: daar irriteert wethouder Freek de Gier zich aan.

“Ik heb er moeite mee hoe er gecommuniceerd wordt met brieven richting de gemeenteraad en de pers”, liet hij weten tijdens de commissievergadering in maart. “Terwijl deze zelfde mensen hun huis niet aanbieden om aan te kopen en wij altijd open staan voor een gesprek. Het is een heel vervelende manier waarop nu wordt gecommuniceerd. Dat wil ik toch even gezegd hebben.”

Vochtproblemen

Het ging in die brieven onder meer over de vochtproblemen die bewoners ervaren, naar hun zeggen sinds de naastgelegen woningen opgekocht zijn en leegstaan.

Volgens wethouder De Gier is er al actie op ondernomen. “We hebben geïnvesteerd in isolatie. Als dat niet voldoet, gaan we verder onderzoeken. Het zou ook kunnen dat het bij het huis van de bewoners zelf ligt, het is niet gezegd dat dit door ons is veroorzaakt.”

Bewoners hebben alle recht om zich tot ons te melden

CDA-raadslid André Ruikes tikte De Gier op zijn vingers. “Bewoners hebben alle recht om zich tot ons te melden. Wij zijn volksvertegenwoordigers.”

De bewoners zelf verklaren hun directe manier van communiceren doordat zij zeggen geen luisterend oor te vinden bij het gemeentebestuur en dat de wethouder een verkeerde voorstelling van zaken geeft. ‘Door onze mails ook naar u te sturen hopen wij dat er steeds meer duidelijk wordt voor u en voor ons.’

Wethouder verwacht weer enige woningen aan te kunnen kopen

Op korte termijn komen er weer enige woningen aan de Ruigenhil in bezit van de gemeente. Die verwachting heeft wethouder Freek de Gier. Maar het hoofdpijndossier van het opkopen van de huizen op het industrieterrein zal volgens hem niet binnen enkele jaren afgerond zijn.

Er lopen volgens De Gier gesprekken met diverse eigenaren. “Binnenkort hopen we te melden dat weer enige woningen kunnen verwerven.”

Jaarlijks 62.000 euro voor onderhoud en beveiliging

Op de agenda van de commissievergadering stond het beschikbaar stellen van een jaarlijks budget van 62.000 euro voor onderhoud en beveiliging van de al opgekochte woningen aan de Ruigenhil.

Daar gaf de raad groen licht voor. “Het is het minste wat we kunnen doen om de ontstane situatie beheersbaar en leefbaar te houden”, stelde Orhan Yilmaz (PvdA).

Grote puinhoop

Over die ‘ontstane situatie’ waren meerdere fracties bezorgd. Vooral de ChristenUnie. Jako Sterrenburg: “Het is een grote puinhoop met dichtgetimmerde panden. Extra triest is dat er geen visie lijkt liggen voor deze locatie.”

Wethouder Freek de Gier ontkende dat niet. “Het is er niet fraai wonen, heel vervelend voor de bewoners die zijn achtergebleven. Wij blijven ervoor openstaan om te helpen een andere woning te vinden.”

Geen tijdelijke bewoning

Bij de start van het project om de woningen op te kopen, in 2021, beloofde het gemeentebestuur opgekochte huizen te slopen. Dat is van tafel, reageerde de wethouder op vragen van de CU. “Los van de kosten is het probleem dat je voor de sloopvergunning een ecologisch onderzoek uit moet voeren. Dat is kostbaar, tijdrovend en moeilijk uit te voeren omdat er nog panden in gebruik zijn.”

Aan de herhaalde oproep van de ChristenUnie om opgekochte woningen voor starters of statushouders te gebruiken, gaf hij geen gehoor. “Dat is geen optie. We hebben vastgesteld dat dit geen gebied is om mensen te huisvesten.”

Niet binnen één of twee jaar klaar

Remco de Boer (D66) vroeg De Gier daarnaast hoe lang de gemeente jaarlijks 62.000 euro uit moet geven. “Ik had gehoopt om het in de afgelopen raadsperiode af te ronden. We zijn een heel eind gekomen, maar er is een aantal bewoners die geen intentie hebben hun huis te koop aan te bieden. Eerlijk gezegd denk ik niet dat er in één of twee jaar uit zijn.”