Herman Verweij.
Herman Verweij. Geurt Mouthaan

‘Trots op 10 woningbouwprojecten die we vlot hebben getrokken’

Herman, de afgelopen vier jaar zat de VVD in de coalitie. Wat wil je als grootste prestatie noemen?

“Waar ik echt trots op ben zijn de circa tien woningbouwprojecten die we vlot hebben getrokken. Met een knipoog naar D66: tien nieuwe woningbouwprojecten, het kan wél. Wij hebben dat laten zien en dat vind ik supergaaf. Een goed voorbeeld is het Wipmolenterrein. Een hele generatie Alblasserdammers kent het niet anders dan een braakliggend stuk grond met parkeerplaatsen. Daarnaast wil ik ook de aankoop van het Nedstaalterrein noemen. Eén van de meest opmerkelijke zetten van het gemeentebestuur in de historie van ons dorp. Het toont aan dat we visie hebben voor de toekomst, om ruimte te geven aan bedrijven en door te kunnen schuiven ook ruimte te bieden aan woningbouw.”

Hoe is de samenwerking met CDA, D66 en ChristenUnie verlopen?

“Heel goed. Ik zou het zelfs breder willen trekken. Binnen de gehele raad is steeds zeer constructief gewerkt. Dat betekende ook dat de verschillen van mening er ook binnen de coalitie waren. Je kunt zeggen dat het dan niet lekker liep, maar ik vind juist dat de politiek zou moeten werken. Als raad moeten we kritisch kijken naar wat burgemeester en wethouders doen, los van coalitie of oppositie. De verschillen konden best groot zijn, maar altijd inhoudelijk, en nooit op de persoon.”

“Je merkt dat iedere partij op zoek is naar wat het beste is voor Alblasserdam. In politiek Nederland is onze gemeenteraad daarin misschien wel atypisch. Daarom gaan we na de verkiezingen ook open de onderhandelingen in. De combinatie van de afgelopen vier jaar is niet automatisch ook de beste voor de komende periode. Er liggen in ieder geen breekpunten met andere partijen.”

Was het vanzelfsprekend dat je weer lijsttrekker zou worden?

“Daar hebben we goed over nagedacht. Als VVD zijn we blij we meerdere enthousiaste nieuwe kandidaat-raadsleden hadden. Maar er was niemand die nu al het stokje van fractievoorzitter en lijsttrekker over wilde nemen. Ik kreeg het volle vertrouwen en zelf haal ik er nog steeds veel voldoening uit. En ik vind het gewoon ook heel leuk. Dat moet wel, want het is best een intensieve taak.”

Terug naar de afgelopen vier jaar. Wat had beter gekund?

“In meerdere trajecten hadden we als gemeentebestuur anders moeten communiceren. Beter uitleggen waarom je dingen wel of niet doet. De flexwoningen, de buitenlift bij het Makado winkelcentrum, de Ruigenhil. Als je op een goede manier vooraf informatie verstrekt, haal je zoveel kou uit de lucht. Al blijft dat lastig, want je kunt het ook niet iedereen naar de zin maken. Als inwoners vraagtekens zetten bij je intenties, dan kun je daar niet op tegen communiceren.”

We begonnen met de woningbouw. Wat zijn jullie ambities voor de komende periode?

“We vergeten wel eens hoeveel voorzieningen we in Alblasserdam hebben. Landvast, het zwembad, de sportverenigingen; het is niet vanzelfsprekend. Om die samen met onze zelfstandigheid als gemeente te behouden is het noodzakelijk om te groeien. Er wordt nu al volop gebouwd. We zijn nu voor de langere termijn actief aan het onderzoeken welke kansen er liggen op Vinkenwaard Noord, in combinatie met de ruimte die het Nedstaalterrein biedt voor bedrijven die verhuizen. Ik heb me er wel over verbaasd dat er partijen zijn dit ons uitgangspunt ‘Fit en Groen’ omarmen, maar tegelijkertijd pleiten voor het bebouwen van sportpark Souburgh. Je ruilt groen in voor grijs, op een plek die veel verder afzitten van de voorzieningen, en waar je er ook nog eens met buurgemeente Molenlanden uit moet komen.”

“Het heeft in de tussentijd niet onze voorkeur om op de snippers groen die er nog in Alblasserdam zijn dan gaan bouwen. Wij gaan liever het overleg met woningcorporatie Woonkracht10 aan om bij vervanging van woningen naar een andere oplossing te kijken. Wissel bijvoorbeeld laagbouw verwisseld voor meerdere lagen appartementen.”

En kun je nog een speerpunt uit jullie verkiezingsprogramma noemen?

“Betaalbare zorg is ook van groot belang. De wijze waarop we nu georganiseerd hebben, is op langere termijn niet houdbaar. Landelijk, maar ook lokaal. Probleem is dat er alleen naar geld wordt gekeken. De discussie zou ook moeten gaan over de kwaliteit: wordt er wel goede zorg geleverd? In plaats van te dweilen, moeten we zoeken naar de openstaande kraan.”

“Als VVD hebben we misschien niet het stempel van een sociale partij, maar ik vind ook niet sociaal om maar door te blijven gaan met alleen maar geld erin te blijven pompen. We moeten keuzes maken. De route van meer zelfredzaamheid, onderzoeken wat écht nodig is, die zijn we al ingeslagen. Gym voor ouderen, een meidengroep, hartstikke leuk, maar wat is er écht nodig? De tijd van overvloed is voorbij. Wij willen het vangnet niet ter discussie stellen. Maar het gesprek hierover uit de weg gaan, is niet sociaal en je kop in het zand steken.”