• Cees Hoogteyling in zijn tuin:
• Cees Hoogteyling in zijn tuin: "Het nieuws komt vaak naar mij toe." Foto: Anne Ruth den Hertog

'Geraniums? We hebben geen eens vensterbanken'

Cees Hoogteyling 90 jaar

Zondag werd Cees Hoogteyling negentig jaar. Nog steeds schrijft hij elke week een artikel in Het Kontakt. Hoe hij aan het nieuws komt? "Het nieuws komt vaak naar mij toe."

In de woonkamer van het oude huis (1890) in hartje Geldermalsen zit Cees Hoogteyling met zijn vrouw Nel aan de koffie. Hoogteyling heeft lang in Buren gewoond, maar is later naar Geldermalsen verhuisd. Inmiddels schrijft hij al 65 jaar voor verschillende kranten en nieuwsbladen.

"Als íemand een mooi leven heeft gehad, dan ben ik dat denk ik wel. Ik heb zoveel plezier gehad in mijn leven. Natuurlijk ken ook ik verdriet. Ik heb veel verdriet over het verlies van mijn eerste vrouw Thea. Maar met Nel kan ik daar gelukkig goed over praten. Ook zij is haar eerste partner verloren."

"Op mijn zeventigste verjaardag zijn we getrouwd." "In het geheim", vult Nel glimlachend aan. Cees: "We trouwden in de ochtend, daar was een heel klein groepje mensen bij. In de middag hadden we familie en vrienden uitgenodigd voor mijn verjaardag, toen vertelden we het nieuws."

Vissen voeren

Cees Hoogteyling heeft altijd veel plezier in zijn werk gehad. "Artikelen schrijven deed ik er altijd bij. Mijn originele plan was om de scheepvaart in te gaan, maar na dit voor één zomer uit te proberen, week ik toch maar van dat idee af. Ik voerde vooral de vissen (als je begrijpt wat ik bedoel) en had het absoluut niet naar mijn zin. Vervolgens besloot ik het leger in te gaan. Ik werd geplaatst op een legerbasis in Soest. We moesten tot zonsondergang binnen de basis te blijven, waardoor ik veel tijd over had. Af en toe mocht ik naar huis in Buren."
"In die tijd ben ik begonnen met het maken van foto's. Op een dag bracht ik één van die foto's naar een krant en zo ben ik eigenlijk in de journalistiek gerold."

Op een dag bracht ik een foto naar de krant en zo ben ik journalistiek ingerold.

"Het begon met het maken van foto's. Al snel werd er aan mij gevraagd of ik het gemeentenieuws van Buren kon gaan volgen en daar artikelen over wilde schrijven. Dat ben ik toen gaan doen."
Ook toen hij uit het leger stapte en een baan nam als een verkoper voor een drukkerij, bleef hij schrijven. "Ik heb het schrijven er altijd bij gedaan, voor mij is het echt een hobby."

'Nel leest alles na'

Cees Hoogteyling schreef voor verschillende edities zoals: de Gecombineerde, de Gelderlander, Utrechts Nieuwsblad, Zakengids, Tielse Courant en Het Kontakt. Nog steeds is Hoogteyling zeer betrokken bij het nieuws. "Mensen bellen mij of staan op de stoep om hun verhaal te doen. Daardoor blijf ik betrokken. Ook bel ik regelmatig mensen op om te vragen of er nog nieuws is. Hierdoor heb ik het erg druk. We hebben geen eens vensterbanken om geraniums op te zetten."
"Nadat ik gesproken heb met mensen schrijf ik het verhaal zo snel mogelijk op en dan kijk ik er niet meer naar. Wel laat ik het nog nakijken door Nel." Nel Hoogteyling: "Ik lees al zijn stukken en geef commentaar als ik vind dat het beter kan."
Cees Hoogteyling: "Vroeger deed Thea dit voor mij. Dan zei ze wel eens: 'Moet je nu altijd zo hard zijn, als je de tekst een klein beetje aanpast zeg je nog steeds hetzelfde, maar kwets je deze mensen niet.' Dus dan paste ik mijn tekst aan met haar commentaar."
Veel mensen kennen Cees Hoogteyling als 'Veerbaas', de column die hij vijftien jaar lang schreef. "Kroegpraat over mensen en de politiek. Lang wist niemand wie de Veerbaas was. Er was een lezer die langs alle veerboten en pontjes in de regio was gegaan om mij te vinden. Dit lukte natuurlijk niet, want ik ben geen veerbaas."

Een anekdote

"Eén van de leukste dingen die ik heb meegemaakt als journalist is het verhaal over de vastgebonden klepel van een kerkklok. Ik kreeg een belletje van het AD. Ze hadden gehoord dat een paar jongens de klokken van de kerk uit Leersum hadden vast geplakt, zodat ze op zondag niet wakker werden gemaakt door die 'herrie'. Omdat het bij mij in de buurt was, vroegen ze of ik daar een foto van had en of ik die binnen een paar uur tijd bij hun kon krijgen. Natuurlijk zei ik 'ja'. Ik had nog niet eens van het verhaal gehoord, dus toen moest ik hard aan de bak. Ik rende naar buiten en kwam mijn buurman tegen. Toen ik hem vroeg of hij zin had in avontuur, stapte ook hij in de auto. We reden naar de kerk van de vastgebonden kerkklokken toe. Vlakbij de kerk zag ik een huis waar veel fietsen voor stonden. Ik belde daar aan, een jongen deed open en het eerste wat hij zei was: 'Ik heb het niet alleen gedaan'. Nadat ik naar zijn verhaal geluisterd had, klommen we met z'n allen de toren op om een foto te maken. Ik heb die dag zoveel geluk gehad."