Smaken verschillen

Op culinair gebied heb ik me vaak verbaasd over mijn vader. Hij had ooit in een Brussels restaurant gegeten en na een paar hapjes kreeg hij het vermoeden dat er zand in de spinazie zat. Hij had iets tussen zijn tanden horen kraken. Sindsdien vertrouwde hij geen enkele restaurantkok meer. Als hij met ons uit eten ging, was het doorgaans met tegenzin. Het was meer om ons een plezier te doen. Ook van hapjes van buitenlandse herkomst moest hij letterlijk en figuurlijk weinig hebben. Veel liever een bal gehakt van mijn moeder dan een loempia van de Chinees. Mijn moeder was heel anders. Ze probeerde er achter het fornuis het beste van te maken. Als we met haar buiten de deur gingen eten, genoot ze des te meer. Zo vader, zo zoon? Nee, die vlieger gaat in mijn geval niet op. Gastronomisch ben ik zo ongeveer zijn tegenhanger. Mij smaakt alles wat me wordt voorgeschoteld. Daarom hoorde ik mijn smaakpapillen juichen toen ik op Bevrijdingsdag in het Tielse Zinder aanschoof voor de vrijheidsmaaltijd, tot in de puntjes verzorgd door de Bibliotheek. Allerlei lekkernijen uit andere culturen, zoals de Marokkaanse, Turkse, Syrische en Molukse.  

We mogen ons gelukkig prijzen dat we in ons land van zo’n grote verscheidenheid kunnen profiteren, zo dacht ik om mij heen kijkend. De burgemeester benadrukte dat ook nog eens in een korte toespraak. De ongeveer tachtig gasten genoten, ieder op zijn of haar eigen manier. Leuk om te zien. Zoals bij elk buffet heb je de stapelaars voor wie het niet uitmaakt wat ze opgeschept hebben. De hoeveelheid schijnt het belangrijkste te zijn. En dan zijn er de smaaktwijfelaars, die precies willen weten wat ze eten. Wat is dit, wat is dat? Wat zit hier allemaal en wat zit daar in? Ze zijn daar zo druk mee bezig, dat ze niet in de gaten hebben dat er overal op tafel bordjes staan met de naam van de gerechten. 

Van die gerechten kon het Molukse pasteitje mij het allermeest bekoren. Direct gevolgd door die verrukkelijke Syrische kruidkoek. Dat pasteitje zou mijn vader vast en zeker niet kunnen waarderen, zo bedacht ik. Veel te pittig. Die kruidkoek zou hij pas lusten als hij er een dikke laag roomboter op gesmeerd had. En dan veel suiker erop, zodat hij de kruiden niet zou proeven. Ik zei het al, tegen de smaak van mijn vader was geen kruid gewassen.

(reageren: jbeijer@upcmail.nl)