• Een kaart uit het onderzoek van SOVON waarop in rood de gevoeligheid van vogels voor windturbines is aangegeven.
• Een kaart uit het onderzoek van SOVON waarop in rood de gevoeligheid van vogels voor windturbines is aangegeven. Foto: SOVON

SOVON: Alblasserwaard is een streek waar plaatsing windturbines groot risico voor vogels met zich meebrengt

Nieuws windmolens

ALBLASSERWAARD • De Alblasserwaard is in Nederland een gebied waar vogels zeer veel risico lopen als er windturbines geplaatst worden. Dat wijst onderzoek van SOVON uit.

De kaarten van SOVON, de landelijke organisatie die ontwikkelingen in aantallen en verspreiding van vogels in kaart brengt, liegen er niet om. Het zuidoosten van Zuid-Holland kleurt op meerdere kaarten dieprood. 

Daarmee wordt in één oogopslag duidelijk dat voor vogels de risico’s op een aanvaring met een windturbine in vergelijking met de overgrote rest van Nederland zeer groot zijn.

Windmolenrisicokaart

Om de ruimtelijke spreiding en de mate van risico’s van windturbines voor vogels in beeld te brengen is in 2009 al een nationale windmolenrisicokaart gemaakt. Het rapport van SOVON is een update hiervan.

‘Dit levert een zoekkaart op waarin inzichtelijk wordt gemaakt waar locaties liggen die vanuit ecologisch perspectief het meeste perspectief bieden voor windenergie.’  

Urgenter dan ooit

De Alblasserwaard komt in het onderzoek uit de bus als een streek waar de plaatsing van windturbines wat dat betreft juist niet voor de hand ligt. 

‘Als er één kaart voor alle soorten broedvogels of niet-broedvogels wordt gemaakt, dan blijkt de nadruk in de gevoeligheidskaarten op waterrijke gebieden te liggen’, stelt SOVON onder meer. 

‘Het opwekken van windenergie conflicteert met natuurdoelen. De noodzaak voor ruimtelijke planning van windenergie ten behoeve van natuur is daarmee urgenter dan ooit.’ 

Vermijd belangrijke leefgebied van vogels zoveel mogelijk

Windparken en hoogspanningsverbindingen moeten dan ook op plaatsen komen waar zij de minste vogelslachtoffers maken en niet leiden tot een verlies aan leefgebied, benadrukt de Vogelbescherming. 

‘Gelet op de hoge risico’s voor een aanzienlijk aantal vogelsoorten ligt het voor de hand om uit voorzorg natuurgebieden en andere belangrijke leefgebieden van vogels zo veel mogelijk te vermijden.’

Kwetsbaarste soorten zijn roofvogels en uilen

De kwetsbaarste soorten voor directe aanvaringen met windturbines op land zijn volgens de Vogelbescherming roofvogels en uilen. ‘Andere gevoelige families zijn leeuweriken, ooievaars, kieviten en plevieren, kraanvogels en meeuwen.’ 

‘Weidevogels en andere soorten van open land zijn het gevoeligst voor habitatverlies door de aanleg van energie-infrastructuur, omdat ze uitwijken voor hoog opgaande structuren in het open landschap waar ze broeden.’

‘Niet meegenomen in onderzoek Arcadis naar zoekgebieden’

De relatief grote risico’s voor vogels zijn volgens het Gebiedsplatform Alblasserwaard en Vijfheerenlanden niet meegenomen als beperkende factor in het onderzoek van Arcadis naar de zes zoeklocaties voor de plaatsing van windturbines. 

Het onderzoeksbureau noemt het rapport van SOVON inderdaad niet. Arcadis richt zich op harde, wettelijke obstakels om windturbines niet te plaatsen. 

Zachte belemmering

Het landschap, de cultuurhistorische waarde en kwetsbare vogelpopulaties worden genoemd als een risico, maar wel als een ‘zachte belemmering’, waar nader onderzoek voor nodig is. 

‘Omdat er natuurgebieden in de RES-regio aanwezig zijn, zijn directe effecten zoals areaalverlies en indirecte effecten (vogelverplaatsingen, aanwezigheid beschermde soorten, etc.) niet uitgesloten. Deze effecten zouden in later ecologisch onderzoek nader onderzocht moeten worden en worden als risico voor de ontwikkeling van windenergie aangemerkt.’

Hoeveel slachtoffers?

Maar hoeveel slachtoffers windturbines nu al maken? Een rondgang op het wereldwijde web laat een gevarieerd beeld zien, waarbij de boodschapper vaak bepalend is voor de boodschap. Vanuit de kant van de voorstanders van windenergie klinkt onder meer het geluid: het valt in vergelijking met andere doodsoorzaken wel mee. 

Zo stelt Amsterdam Wind, een samenwerking van Amsterdamse energiecoöperaties die zich inzetten voor schone energie: windturbines maken 50.000 vogelslachtoffers, maar hoogspanningsmasten (800.000), jacht (1,5 miljoen), verkeer (2 miljoen) en katten (18 miljoen) zijn veel schadelijker. 

Dat brengt ook gedeputeerde Berend Potjer, verantwoordelijk voor windenergie in Zuid-Holland, in (zie kader aan onderzijde van dit artikel).  

‘Er is wel degelijk een serieus probleem’

Daar stelt de site Klimaatfeiten.nl tegenover: ‘Dat is op zich correct, maar daarbij gaat het over het algemeen om kleine, veel voorkomende en zich snel voortplantende soorten als merels, spreeuwen mezen. Bovendien zijn het vaak al verzwakte exemplaren die een kat weet te vangen.’ 

‘Bij windturbines blijkt het vooral te gaan om roofvogels en trekvogels. In de afgelopen jaren is al veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar vogelsterfte door windmolens. Steeds opnieuw komt naar voren dat er wel degelijk een serieus probleem is.’

‘Huiskatten zijn veel schadelijker’

Gedeputeerde Berend Potjer (GroenLinks-PvdA) van de provincie Zuid-Holland laat in een interview op de site van de provincie de risico’s voor vogels niet al te zwaar op te vatten.

“De directe effecten van windturbines op vogels blijken in de praktijk mee te vallen”, stelt hij. “Laatst was in het nieuws dat ze bij een windpark op zee jarenlang vogels hebben gevolgd met camera’s: die vogels vlogen allemaal om de windturbines heen. Niet één vloog er tegenaan.”

“Bij windparken op land ligt het iets anders; daar vliegen vogels wel af en toe tegenaan. Maar huiskatten, auto’s en glazen gebouwen zijn veel schadelijker voor de vogels, daar gebeuren vele malen meer ongelukken mee.”