
Fruitcorso hoogtepunt van Oogstweek
NieuwsTIEL • De Betuwe is geheel in de ban van het fruit. De Oogstweek is begonnen en één van de absolute hoogtepunten, het Fruitcorso, vindt komend weekend plaats. Leon Gerritsen, PR-man en bestuurslid van de Stichting 4-Stromenland, is één van de vele vrijwilligers die er superdruk mee zijn.
“Het hele jaar door zijn we volop bezig met deze twee weekenden”, zegt Leon in het Kalverbos in Tiel, te midden van de mozaïekleggers die hun kunstwerken in de volle zon aan het perfectioneren zijn. “Het is altijd een hoop werk, maar als je dit ziet - dat het begint - dan gaat het wel weer kriebelen. Je merkt ook wel dat de regio dan een soort startsignaal krijgt, van: O ja, het zit eraan te komen, het is dichtbij, we gaan weer. Het is dus fijn om te zien dat het weer begint te leven.”
Elfstedentocht
Leon is al heel lang actief bij het corso. “Op mijn zesde ben ik de corsoschuur in Avezaath binnengekomen. Als bouwer begonnen, een keer ontwerper geweest, in de PR-commissie van de stichting en sinds 2019/2020 bestuurslid PR/communicatie. Vervolgens hebben we een paar jaar gehad dat we, vanwege corona, geen evenement hadden. Ik vond het toen elke keer nét de Elfstedentocht.”
“Telkens dacht ik: We gaan weer en dan werd ‘t het net niet. En het is gewoon zonde als je jaren bezig bent en het nooit tot uiting komt. Dan heb je ook nog eens een jubileumeditie, waarmee je wilt uitpakken en met elkaar wilt delen. Als dat dan niet kan, om begrijpelijke redenen, dan is dat wel zuur.”
Logisch en prettig ritme
De Betuwse Oogstweek, de verzamelnaam voor alle activiteiten die dezer dagen plaatsvinden, werd vorig jaar in het leven geroepen. “De start is Appelpop en we eindigen met corsomaandag”, verduidelijkt Leon. “Alle elementen, behalve het concert op de gracht, zijn terug. We borduren dus voort op het succes van vorig jaar. En we hebben nu het gevoel dat we wel een ritme hebben dat logisch voelt en voor iedereen prettig is. “
Een enthousiaste Tielenaar had het plan om dit jaar ook oldtimers langs het parcours te exposeren. Dat gaat echter - in elk geval dít jaar - niet door, omdat volgens Leon de vergunningen al lang rond waren toen het verzoek binnenkwam. Daarnaast is één en ander moeilijk op een verantwoorde manier te realiseren, vindt hij.
“We kregen die vraag pas in augustus en dan is het lastig om zoiets nog in te voegen”, legt Leon uit. “Bovendien heb je met duizenden bezoekers te maken en een krasje of schrammetje op zo’n auto is zó gemaakt. We hebben dus iets meer tijd nodig om te kijken of we dat samen willen en kunnen uitvoeren.”
Touroperators
Denkt de organisatie de tribunes opnieuw vol te krijgen? “De weersverachting is goed en vanuit het hele land komen touroperators weer onze kant op, dus we verwachten een waanzinnig, leuk, druk corsoweekend. Met foodtrucks hier in het Kalverbos, mozaïeken, entertainment, muziek; ík zou het wel weten als ik zou moeten kiezen.”
En is er vanuit de jeugd nog steeds voldoende animo om mee te bouwen? “In de periode dat wij gaan werven is het voor heel veel kinderen nog ver van hun bed. Maar we merken echt wel dat het corso leeft. Je ziet dat ook in de bouwhallen; bij de jeugdwagens, waar kinderen toestromen. En ook bij het kindercorso is er weer animo om deel te nemen. Het wisselt gewoon. Het ene jaar heb je een piek en het andere jaar denk je: Het mag wel wat meer zijn.”
“Dit jaar hebben we dacht ik zo’n 45 aanmeldingen”, zegt Leon. “Kinderen geven zich op voor het kindercorso of ze zijn betrokken bij een jeugdwagen. Het getal dat we die corsotraditie mee willen geven is groter dan die 45 deelnemers, maar al zou het er maar één zijn die bouwer, plakker, legger of ontwerper wordt; we hebben gewoon álles nodig om weer zestig jaar door te gaan.”
Heel divers
“We zien ook in de bezoekersaantallen dat de doelgroep die ons bezoekt heel divers is. Het laatste onderzoek stamt uit 2019, de op één na laatste editie, en dan zie je dat die doelgroep eigenlijk heel mooi dezelfde taartpunt inneemt. Op corsozaterdag zijn het op de tribune voornamelijk de grijze lokken, terwijl langs het parcours veel jonge gezinnen staan. En ‘s avonds heb je nóg weer een jongere doelgroep. Dus die afwisseling zie je wel ontstaan. “