
Trainer Hans Murk doet een stap terug
Sport 1.775 keer gelezenHaastrecht - In zijn laatste seizoen als trainer veroverde de 78-jarige Hans Murk het kampioenschap met het eerste vrouwenteam van Haastrecht. Na veertig jaar houdt de Haastrechtenaar het voor gezien.
Eigenlijk was Hans Murk al eerder gestopt, nadat hij de zaterdagclubs Waddinxveen, Bergambacht, Rohda’76 (Bodegraven), De Rijnstreek (Nieuwerbrug), Moerkapelle, Schoonhoven en de A-junioren van Nieuwkoop en het Goudse DONK had getraind.
“Ik werd bijna zeventig en vond dat een mooie leeftijd om te stoppen”, aldus Murk. “Tijd om bij te komen kreeg ik niet, want al snel kreeg ik een telefoontje of ik de dames van Haastrecht wilde gaan trainen. Ik was al geruime tijd met pensioen en had tijd zat. Voetbal is altijd mijn grootste hobby geweest, dus ik dacht: waarom niet? Ik heb een bijzonder leuke periode bij Haastrecht achter de rug. Ik had de speelsters om mijn favoriete 4-4-2-opstelling uit te dragen. Het is mooi dat de meiden in mijn laatste jaar naar de derde klasse promoveerden. Het is een slimme groep. Tegen fysiek sterke tegenstanders liet ik ze geen duels aangaan. De bal moest het werk doen. Voorin had ik twee topschutters: Suzanne Mulder en Esra Streng scoorden aan de lopende band.”
In het diepe gegooid
Hans Murk speelde vroeger in de jeugd van Schoonhoven, de plaats waar hij opgroeide. Op zestienjarige leeftijd haalde de trainer hem met Baaike Ooms bij het eerste elftal. “Ik werd meteen in het diepe gegooid. We speelden in 1962 in Haastrecht een beslissingswedstrijd om de titel in de eerste klasse van de Goudse Voetbalbond tegen Racing Club Verheul uit Reeuwijk, die we wonnen door een doelpunt in de verlenging van Nieuwpoorter Hans Baardwijk. We promoveerden naar de vierde klasse van de KNVB. Kort daarna kreeg ik een kans om bij het Utrechtse Velox een proefwedstrijd te spelen. Dat mocht niet van mijn moeder, want voetballen op zondag was met mijn christelijke achtergrond uit den boze. Dat vond ik toen niet leuk.”
Bijtertje
Hans Murk trouwde en verhuisde naar Haastrecht. Na een technische opleiding ging hij aan de slag bij constructiebedrijf Gouda Holland. Een collega haalde hem over om bij de zaterdagafdeling van Gouda te komen spelen. “Dat heb ik tot mijn vijfendertigste gedaan. Ik begon als aanvaller en eindigde als voorstopper. Lange tijd was ik zo’n bijtertje op het middenveld dat nooit opgaf. Toen ik stopte, kwam het niet bij me op om voetbaltrainer te worden. Op een verjaardag bij mijn zus werd ik echter overgehaald om het eerste damesteam van Schoonhoven te gaan trainen. De rol van oefenmeester bleek op mijn lijf geschreven en ik besloot de benodigde trainersdiploma’s te gaan halen. Zaterdagvierdeklasser Waddinxveen was mijn eerste club, waarna er nog vele volgden.”
Voor zijn werk als accountmanager bij Gouda Holland vertoefde Murk regelmatig in het buitenland. “Ik haalde opdrachten binnen voor grote projecten. Mijn voetbalactiviteiten waren met het werk goed te combineren. Mijn zoon wilde met zijn vrienden elke thuiswedstrijd van Feyenoord bezoeken en ik moest ze dan brengen en ophalen. Ik heb toen zelf ook maar een seizoenskaart genomen. Het was in de tijd van Henk Wery en Ove Kindvall. Nu volg ik het voetbal op televisie en wellicht kan ik volgend seizoen met mijn vrouw eens gaan kijken bij onze kleinzoon, die in Montfoort bij SV’19 onder 23 jaar speelt. Onze dochter ‘walking’ voetbalt nog een keer per week in Gouda.”
Schilderen
Om fit te blijven kroop Hans Murk regelmatig op de racefiets. “Voor het goede doel beklom ik twee keer de Alpe d’Huez in 2010. Twee jaar later ben ik met mijn kleinzoon de Mont Ventoux opgereden. De laatste jaren fiets ik niet meer vanwege het steeds drukker wordende verkeer. Op zolder staat een rollerbank, waar ik wekelijks enkele uren nog wat kilometers maak. Mijn schilderhobby is veiliger en ik heb al heel wat schilderijen gemaakt.”
Hans Murk hoopt nog lang gezond te blijven. “En dat mijn vrouw en ik kunnen blijven genieten van onze kinderen en kleinkinderen. Als de voetbaldames van Haastrecht mij – in uiterste nood, hè – nodig hebben, dan sta ik voor ze klaar.”
Wim Kroone






















