
Woningmarkt in gemeente Krimpenerwaard onder druk: meer ruimte voor hoogbouw?
Nieuws In de knel - woningnood in de waard 7.259 keer gelezenKrimpenerwaard – De woningbouw in de gemeente Krimpenerwaard blijft achter bij die in omliggende gemeenten. Dit blijkt uit onderzoek van de Rekenkamer Krimpenerwaard, dat deze maand door de gemeentepolitiek wordt besproken. Volgens de onderzoekers doet de gemeente veel, maar zijn extra stappen nodig om de woningnood het hoofd te bieden.
Sinds 2015 kwamen er in Krimpenerwaard gemiddeld 140 woningen per jaar bij, een groei van 6 procent in tien jaar tijd. Buurgemeenten groeiden harder, gemiddeld 9 procent; in Zuidplas zelfs 18 procent.
Ondertussen verdubbelde de gemiddelde koopprijs in Krimpenerwaard bijna van 229.000 euro in 2015 naar 443.000 euro in 2024. Voor een sociale huurwoning steeg de gemiddelde wachttijd van 17 maanden in 2018 naar 30 maanden in 2023.
‘Gemeente heeft beperkt grip’
De Rekenkamer constateert dat de gemeente beperkt grip heeft. Het Rijk en de provincie stellen strikte regels, en corporaties lopen tegen knelpunten aan bij locaties en parkeernormen. Ook wijst de Rekenkamer erop dat woningzoekenden zich nu apart moeten inschrijven in Krimpenerwaard en buurgemeenten, terwijl andere regio’s met één systeem werken.
Wel zijn er instrumenten ingezet, zoals een actief grondbeleid, afspraken met ontwikkelaars en startersleningen. Andere mogelijkheden – zoals een doelgroepenverordening of opkoopbescherming – bleven onbenut.
Meer de hoogte in?
Het college meldt in reactie op het rapport te denken aan meer hoogbouw. In het verleden liepen projecten, met name appartementen, vast door beperkingen in bouwhoogte. B&W wil daarom onderzoeken of met extra bouwlagen meer woningen gerealiseerd kunnen worden.
“Deze visie moet richting geven aan waar binnen de gemeente hogere bouw mogelijk is, welke bouwhoogtes daarbij passen en hoe dit zorgvuldig kan worden ingepast in het dorpsbeeld,” aldus het college, dat erkent dat dit gevoelig ligt, maar het ziet als noodzakelijk instrument.
De Rekenkamer onderschrijft dat meer hoogte verschil kan maken, omdat appartementen ruimte-efficiënt zijn, en dat een hoogbouwvisie zorgt voor duidelijkheid richting inwoners, corporaties en ontwikkelaars.
Weinig ruimte binnen de dorpen
Het eerste advies van de Rekenkamer – soepeler kijken naar inbreilocaties – wijst het college grotendeels af. Volgens de Woonvisie is daar maximaal ruimte voor 330 woningen. Bovendien blijken dergelijke plannen vaak vast te lopen op bezwaren uit de omgeving of ruimtelijke beperkingen.
Ook over de parkeernormen verschillen Rekenkamer en college van mening. Waar de onderzoekers pleiten voor versoepeling, stelt het college dat er al maatwerk wordt toegepast: per project wordt gekeken naar de ligging en het type woningen.
Keuzes nodig
De Rekenkamer benadrukt dat de gemeenteraad nu duidelijke keuzes moet maken, niet alleen over aantallen, maar ook over verdeling naar doelgroepen en samenwerking met buurgemeenten. Intensiever samenwerken rond urgentieverklaringen en inschrijfsystemen wordt daarbij als kansrijk gezien.
Robert van der Hek





















